VIERING : DE TOEKOMSTMENS TEN DOOP…

Dominicus Gent

Viering van zondag 11 januari 2026

De toekomstmens ten doop houden…

 

Midden de lastige werkelijkheid van schaamteloze machthebbers, parlementaire scheldpartijen, Goretti in het weerbericht en kunstmatig intelligente hallucinaties… mochten we de voorbije week ook het bezoek van de wijzen bij het kerstkind vieren …

En vandaag… herdenken we Jezus’ doop. Geen kinderdoop, maar een overtuigde volwassen keuze, een overgave aan de belofte van vrede en gerechtigheid die ook ons hier samenbrengt en op weg zet.

In het licht van de paaskaars weten we die oerbelofte van vrede en gerechtigheid belichaamd,
In het licht van de paaskaars weten we de Levende aanwezig.

Voor veel studenten is het examentijd. Wie met die periode vertrouwd is, weet dat geheugens baat hebben bij betrokkenheid van meerdere zintuigen om te slagen: niet alleen kijken naar de leerstof maar ook schema’s maken en luidop en/of wandelend herhalen zodat ook je lijf de leerstof opneemt, …iets knabbelen zou ook helpen (getuige: sommige balpennen…).

We zijn uitgenodigd voor een uur van traagheid. We geven uitdrukkelijker dan anders tijd om wat we zingen te herlezen en wat we horen te laten kiemen als voedsel voor ons leven.
 
Gij die ons samenbrengt
Gij die U toont in het kwetsbare kind zonder onderdak,
we zingen u toe:
‘Ga met ons mee,
gun ons een teken dat U zonder wanhoop voor vrede leeft.
Licht op in ons als vuur en vlam van hoop.
Houd in ons de toekomstmens ten doop’.

 

Lied 

Ga mee met ons, trek lichtend ons vooruit
naar tijd en land door U ooit aangeduid.
Leef op in ons, de mens die leven moet,
een die de toekomst heeft die leeft voorgoed.

Ga mee met ons, verberg U niet altijd,
gun ons een flits, een teken in de tijd,`
dat U nog leeft, nog steeds om mensen geeft
en zonder wanhoop voor de vrede leeft.

Ga mee met ons. Wie zijn wij zonder U?
Een mens gaat dood aan enkel toen en nu.
Licht op in ons, wees vuur en vlam van hoop,
houd steeds in ons de toekomstmens ten doop.

T: Jan van Opbergen M: W.H. Monk

 

“Houd steeds in ons de toekomstmens ten doop”

Mooi toch hoe Jan van Opbergen de betekenis van ónze doop opfrist: de uitnodiging om in de levende stroming van de Jezusbeweging te staan en hoop te zijn, toekomst aan te zeggen.

Broederlijk Delen roept al jaren op tot de 25%-revolutie: als een kwart van de mensen met volle overtuiging iets nieuws begint –‘ten doop houdt’ zeg maar-, dan heeft het alle kans op slagen. Dat is onderzocht, zo werkt het …. Maar wat als het kwaad 25% van de mensen bij elkaar krijgt?

Die gedachte drong zich op bij het lezen van Satanstango, de bestseller uit 1985 van László Krasznahorkai, Hongaars Nobelprijswinnaar literatuur 2025. Het boek is een meedogenloos deprimerende tekening van schijnheilige, dronken, platvloerse koloniebewoners die elkaar begluren en koeioneren …. Niemand lijkt te geven om dit dolend volk in duisternis, zelfs het weer niet: het verhaal speelt zich af onder een onophoudelijke regen in al haar vormen, met bijhorende onvermijdelijke modder die in hun huizen en poriën doordringt en elke uitweg laat vastlopen. Satanstango is een gitzwarte schets van wat mensen en het leven kunnen zijn. En toch zijn ook daar zeldzame flitsen die iets verraden van hopen op… Wanneer een oud-koloniebewoner -met wat psychologisch doorzicht en de gave van het woord- opdaagt, zien ze die hoop belichaamd: hij zal hun redder zijn die hen van de ellende wegleidt, hun Heiland… Ze hebben er alles voor over: ze geven hem hun geld, verlaten hun huis, gaan op weg, dromend van beter … Maar het is een leider die bedriegt en bedreigt en met hen een spel speelt in een geheel dat zelfs hij maar deels overziet.

Het roept vragen op: In welke toekomststroming laten wij ons vandaag meenemen? Hoe onderscheiden we valse van echte leiders, valse van echte toekomst, …?

Martin Luther King zou de vraag als volgt aangescherpt hebben (zou – voorwaardelijke wijs – heb geen sluitende bevestiging gevonden …) “Groeien we uit tot extremisten van de haat of van de liefde? Worden we extremisten die strijden voor een status quo van het onrecht of voor een uitgesproken rechtvaardigheid? (…) Misschien heeft de hele wereld een tragische behoefte aan scheppende extremisten”

Vanuit onze bijbelse traditie kunnen we die verzuchting beamen.
De stroming van Jezus’ doop wil nl. genezen van egoïsme, eigendunk en zelfgenoegzaamheid; wil laten groeien: al wat leven geeft voor velen, al wat het algemeen belang dient.

Er is een scherp contrast tussen de toekomst in Satanstango en de teksten die het liturgisch leesrooster voor vandaag voorziet.
Er is Gods bevestigende stem bij Jezus’ doop: “Dit is mijn geliefde zoon, in Hem vind ik vreugde” en er is de heldere, hoopvolle profetie van Jesaja die we nu beluisteren

 

Lezing: Jesaja 42, 1-4.6-7

1 Hier is mijn dienaar, hem zal Ik steunen,
hij is mijn uitverkorene, in hem vind Ik vreugde,
Ik heb hem met mijn geest vervuld.
Hij zal alle volken het recht doen kennen.
2 Hij schreeuwt niet, hij verheft zijn stem niet,
hij roept niet luidkeels in het openbaar;
3 het geknakte riet breekt hij niet af,
de kwijnende vlam zal hij niet doven.
Het recht zal hij zuiver doen kennen.
4 Hij zal niet uitdoven en niet breken
tot hij op aarde het recht heeft gevestigd;
de eilanden zien naar zijn onderricht uit.
(…)
6 In gerechtigheid heb Ik, de HEER, jou geroepen.
Ik zal je bij de hand nemen en je behoeden,
Ik neem je in dienst voor mijn verbond met het volk
en maak je tot een licht voor alle volken,
7 om blinden de ogen te openen,
om gevangenen te bevrijden uit de kerker,
wie in het duister zitten uit de gevangenis.

 

Wat een belofte van nabijheid, steun, vreugde en troost in ons kwetsbaar bestaan.
Wat een heldere tekening van wat wel en geen toekomst geeft: niet het schreeuwen, afbreken, doven, maar licht, zorg en bevrijdende dienstbaarheid. Zo krijgt die ‘toekomstmens’ vorm en wordt hij concreet. Moge deze profetie ons sterk maken en onze doop hernieuwen.

 

We beamen met het lied: Al wie dolend in het donker

1. Al wie dolend in het donker
in de holte van de nacht
en verlangend naar een wonder
op de nieuwe morgen wacht:
Vrijheid wordt aan u verkondigd
door een koning zonder macht.

2. Onze lasten zal Hij dragen
onze onmacht tot ter dood,
geeft als antwoord op ons vragen
ons zichzelf als levensbrood.
Nieuwe vrede zal er dagen,
liefde straalt als morgenrood.

3. Tot de groten zal Hij spreken
even weerloos als een lam,
het geknakte riet niet breken
Hij bewaakt de kleine vlam:
hoort en ziet het levend teken
van een God die tot ons kwam.

4. Dor en droog geworden aarde
die om dauw en regen vraagt
dode mens die snakt naar adem
wereld die om toekomst vraagt:
zie mijn Zoon, de nieuwe Adam,
die mijn welbehagen draagt.

T: Henk Jongerius M: H.J.Gauntlett

 

In welke toekomststroming laten wij ons onderdompelen, voegen wij ons in, welke gaan wij belichamen?

https://dhammacetiya.com/walk-for-peace/

Zoekend naar positieve voorbeelden van vandaag kwam ik in de nieuwsberichten de bijzondere tocht van boeddhistische monniken tegen die van Texas tot Washington een voettocht van vrede wandelen. Ze brengen een boodschap van compassie en liefde. Elke dag posten ze een inspiratie of verslag, zoals dit stukje:

“Wanneer de wereld verscheurd lijkt,
en harten moe, zwak worden,
herinneren we ons waarom we lopen –
omdat vrede bij mij begint.
We lopen voor vrede, stap voor stap,
door de kou, door tranen, door de tijd.
Niet om aan deze gewonde wereld te ontsnappen,
maar om haar te helen – één hart tegelijk.
We lopen voor vrede, hand in hand,
laat mededogen onze weg zijn.
Van stille gebeden tot open armen,
vrede wordt geboren in hoe we elke dag lopen.
Vreemdelingen worden vertrouwde gezichten,
door water, warmte en waarheid te delen.”

Dat is ver van hier en zo’n voettocht is ver van ons bed. Ik bezocht heel wat websites van het middenveld om inspiratie te zoeken. Achter/onder elke website staan vele vrijwilligers die dagelijks die toekomststroom en – droom belichamen. In mijn verbeelding zie ik talloze mensen zoals jij en ik die elk op hun manier en met hun kennis, vaardigheden en warme hart toekomst creëren. Elk apart is het klein en bijna onzichtbaar, als je het zou samenvoegen is het een wereldwijd web van verzet, engagement, zorg en kleine goedheid.
Ik denk aan en zie degene die betogen, mantelzorgen, inspireren, faciliteren, opruimen, verzorgen, ondersteunen, voeden, bezoeken, leiding geven, onderwijzen, besturen, …
Ik denk aan en zie degene die laten zingen, musiceren, verhalen vertellen, bijeenhouden, laten sporten, inzicht geven, artikelen schrijven, stil zijn, bewustzijn creëren, …
en zoveel meer vanuit de Bijbelse inspiratie en aanverwante religies en levensovertuigingen.
Laten we elkaar steunen en bemoedigen, mekaar bij de hand nemen en licht geven op het moment dat iemand de moed verliest. In onze verbeelding kunnen we ons verbonden voelen zoals de monniken die een voettocht voor vrede wandelen. Ik lees nog een stukje van hun inspiratie:

“We luisteren meer dan we uitleggen,
Laat stilte ons leren zien—
Dat elke ziel die we passeren
Ook loopt, alleen anders.
In het gewicht van de littekens van de geschiedenis,
En de echo’s van oude pijn,
Kiezen we niet voor woede, niet voor wanhoop,
Maar opnieuw voor liefdevolle vriendelijkheid.
We lopen voor vrede, stap voor stap,
Door de twijfel, door nacht en regen.
Niet achter dromen aan die ver weg liggen,
Maar we planten hoop waar we zijn.
We lopen voor vrede, adem voor adem,
Laat mindfulness de weg verlichten.
In elke pauze, in elke stap,
Wordt vrede beoefend, niet alleen gebeden.
Vrede is niet ergens anders,
Geen eindstreep in het verschiet—
Het leeft in hoe we luisteren,
In elk woord dat we nooit hebben gezegd.
Wanneer we onze reacties verzachten,
Wanneer we ervoor kiezen te begrijpen,
Begint de wereld van koers te veranderen
Door de vriendelijkheid van onze handen.
Kinderen lachen langs de weg,
Ouderen buigen met wetende ogen.
Verschillende geloofsovertuigingen, één gedeelde wens:
Dat het lijden langzaam verdwijnt.
We zegenen de grond onder onze voeten,
en hen die in gedachten met ons meewandelen,
want niemand bewandelt dit pad alleen,
wanneer liefde is wat we dragen.”

 

Ik kan alleen woorden ontmoeten

Ik kan alleen woorden ontmoeten, u niet meer,
maar hiermee houdt het groeten aan, zozeer
dat ik wel moet geloven dat gij luistert,
zoals ik, omgekeerd, uw stilte in mij hoor.

T: Gerrit Achterberg M: Bernard Huijbers

 

TAFELDIENST

Groot Mysterie, als wij aan tafel gaan
en de gebaren herhalen van brood breken en wijn delen met elkaar,
dan belichamen we onze verbondenheid en beamen we de toekomststroom en toekomstdroom van Jezus van Nazareth.
Klein en kwetsbaar als we denken dat we alles alleen moeten doen,
verbonden met velen in de ruimte en in de tijd.
Daarom steken we kaarsen aan bij wie ons voorging in de dood.
En kaarsen voor al wie ergens diezelfde droom vorm geeft.
We vieren hier wat nog niet is, maar wat ons oproept.

Tafelgebed 

Genade, vrede iedereen!
De Geest des Heren om u heen.
Neem plaats en zet u in de kring,
doe mee tot zijn herinnering.

Wij vieren hier wat nog niet is:
verzoening en verrijzenis;
dat wij tot rust gekomen zijn
verlost van doodsangst en van pijn.

Wij roepen in herinnering
de mens die onze wegen ging,
maar niet de weg van man en macht,
alleen de liefde was zijn kracht

De mens die weerloos als een kind
de machtelozen heeft bemind;
die door de armsten werd vertrouwd,
op hen had hij zijn hoop gebouwd.

Hij zei: “Wie leeft uit zelfbelang,
sterft vóór zijn tijd, die leeft niet lang.
Maar wie steeds van het zijne geeft
zal zien dat hij het leven heeft.”

Zo heeft hij zelf ons voorgedaan,
is tot de dood ons voorgegaan;
is niet gevlucht uit eigenbaat
en koos de dood als hoogste daad.

En in zijn laatste levensuur
heeft hij gezegd vol geest en vuur:
“Dit brood, gebroken en verdeeld,
Ik ben het zelf u uitgebeeld.”

De wijn die daar op tafel stond
hief hij omhoog en gaf hem rond:
“Dit is mijn bloed, vergoten nu,
ik ben het zelf, ik sterf voor u.”

Gestorven gaat die mens ons voor
en leeft in onze wereld door.
Hij moet het winnen mettertijd,
zijn geest leeft tot in eeuwigheid

In al wat klein en nietig leeft,
in al wat nauw’lijks adem heeft,
kijkt hij ons aan en zegt: “Ik ben
de broer der armen, één van hen.”

Laat ons nu bidden tot zijn Heer,
de Vader, Hem zij lof en eer.
Laat komen hier die stad, zijn rijk:
wij allen even arm en rijk.

Dat wij verdelen alle brood
en leren scheppen uit de nood,
tot alle kwaad verdwenen is,
herschapen tot verrijzenis.

T: Jan Van Opbergen M: Gregoriaans

 

Onze Vader

Vredeswens

Laat vrede gaan van hand tot hand
deelt haar in daden uit
totdat zij reikt van land tot land
en heel de aard’ omsluit.

T: Hans Mudde M: Dick Troost

 

Gebed van Dag Hammarskjöld

Ik weet niet wie – of wat – de vraag stelde. Ik weet niet wanneer zij gesteld werd. Ik herinner me niet dat ik antwoordde. Maar eens zei ik ja tegen iemand – of iets.
Vanaf dat moment heb ik de zekerheid dat het leven zinvol is en dat mijn leven, in onderwerping, een doel heeft.
Vanaf dat moment heb ik geweten wat het wil zeggen, ‘niet om te zien’, ‘zich niet te bekommeren om de dag van morgen’.

Slotlied: Zegen

De Levende zegene en behoede u.
De Levende doe zijn aangezicht over u lichten,
en zij u genadig. De Levende verheffe zijn
aangezicht over u, en geve u vrede.

Zegen ons en behoed ons,
doe lichten over ons uw aangezicht
en wees ons genadig.

Zegen ons en behoed ons,
doe lichten over ons uw aangezicht
en geef ons vrede.

T: Numeri 6, 24-27 M: Gert Bremer