Met het oog op de verkiezingen… (reeks over keuze: 2)

Dominicus Gent

Viering van zondag 7 oktober 2018

Met het oog op de verkiezingen…

tweede viering in een reeks over keuzes maken

 

Goede morgen, en welkom aan iedereen.
We zingen het zo dadelijk uit: “Een huis waar zoekers en zieners, waar zangers en zeggers bijeen kunnen komen,om uiting te geven aan waar zij van dromen. Een huis dat openstaat. “ 
Dàt beweegt ons tot samenkomen, elke zondag opnieuw.
Ook vandaag, waar wij “keuzes maken“ willen benoemen.
Met evangelische ogen kijken naar politiek.

Wij steken de paaskaars aan, omdat wij ons gedragen weten door het Woord, door de Ene.

Inleiding: onze verantwoordelijkheid

Deze 2° zondag in een reeks van 3, over keuzes maken, brengt ons bij de vraag: welke verwachtingen mogen wij hebben van partijen en mandatarissen? Geen partij-politieke vragen, maar een bevraging over welke waarden zij voorstaan, en of wij ons daarin kunnen herkennen. Of zij met andere woorden op basis van deze waarden onze stem waard zijn…

Na het situeren van het thema, beluisteren wij Ignace in zijn commentaar op de lezing uit het boek Rechters en verder geef ik u enkele aandachtspunten mee.

Wij leven in een cultuur waar om de haverklap verwezen wordt naar de verlichting als de grote mijlpaal van onze beschaving. Dat de verlichting zelf daarbij niet zelden de nek wordt omgewrongen en eenzijdig misbruikt wordt is even duidelijk. Toch grijpt men haar aan als inspiratiebron voor onze samenleving.
De idealen van de Franse revolutie zijn aanleiding geweest tot verschillend georiënteerde levensvisies. Enerzijds is er het mensbeeld dat verwant is aan het ideeëngoed van het liberalisme, anderzijds het mensbeeld dat aansluit bij het socialisme en de sociaal-democratie. En beide zijn, historisch gesproken, ontstaan als emancipatiebewegingen.
Vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid is hun gemeenschappelijke oorsprong. Het liberalisme als start van inzet op gelijke kansen voor iedereen en de vrijheid om zijn lot in eigen handen te nemen. Het leidt tot de industriële revolutie die vooral de ondernemende klasse ten goede komt en het 19de-eeuwse arbeidersprobleem in het leven roept. Als reactie hierop komt een nieuwe emancipatiebeweging die de vergeten broederlijkheid wil organiseren en daar structurele vormen voor uitwerkt in arbeiders-bewegingen en vakbonden. Het leidt op sommige plaatsen tot een bureaucratisch staatssocialisme.
Enerzijds : de unieke mens is onvervangbaar en onherhaalbaar. Met het recht zijn eigenheid tot ontploooiing te brengen, zonder hierdoor beknot te worden door welke overheid ook. Tegelijk is ieder mens ook persoon. Hij leeft bij gratie van een gemeenschap. Zijn leven, met alles wat hij heeft aan talenten en gaven, heeft hij aan anderen te danken. Om te beginnen aan de biologische ouders waaruit hij is voortgekomen, maar verder aan zovelen die op heel verschillende manieren hebben bijgedragen aan zijn persoonlijke ontwikkeling. Hij draagt bijgevolg ook een verantwoordelijkheid ten aanzien van het groter geheel waar hij deel van uitmaakt.

Lied

Wij gaan de weg van oude woorden, van overlevering
die wij van onze ouders hoorden, in luisterkring

 

Bijbelse bezinning

We gaan luisteren naar een tekst uit het boek Rechters. Deze tekst dateert uit de tijd van de ballingschap: dat is de zesde eeuw BC. Dit is werkelijk een scharniermoment in de geloofsontwikkeling van de joodse gemeenschap. Het is het moment dat mensen zich bewust worden van de verantwoordelijkheid die ze dragen in de geschiedenis. Het gaat over de vraag welke rol ze te spelen hebben binnen de wereldgeschiedenis en wat dit voor hen zelf betekent als gemeenschap. Het is een en al politiek. En het is tegelijk een en al een kwestie van geloof. Beide hangen onlosmakelijk samen.

De ballingschap betekent een breuk. De politieke droom van koning Josia op het eind van de zevende eeuw BC was nog vers. Het is de droom van een groot–Israël. Het is niet de laatste van de grote dromen die heersers koesteren. Josia wil een natie die meetelt op het internationale niveau. Dit is nieuw. Want daarvoor is er van de staat Israël gewoon geen sprake. Maar koning Josia wil een sterke staat met wie rekening gehouden wordt. Of dat ook de droom is van Abraham met de pet is een ander paar kamelen. De koning wordt echter internationaal te kijk gezet. Zijn machtsambities worden brutaal de kop ingedrukt door Nebukadnesar, de koning van Babylonië. Hij vernietigt de tempel te Jeruzalem, onderwerpt de joodse gemeenschap, legt uiteraard belastingen op en deporteert een aantal mensen naar Babylon. Daar moeten ze allerlei karweitjes opknappen, zoals de kanaaltjes weer open maken die de Babyloniërs nog maar net hadden dichtgegooid, onderhoudswerken verrichten aan de riolen en de elektrische verlichting herstellen waar juist enkele vervelende problemen mee waren.

In deze ontluisterende situatie dringt zich een bezinning op over de zin van het bestaan en hun plaats in het groter geheel. Hoe zijn we toch in deze benarde situatie terecht gekomen? Wat is er dan toch gebeurd dat we hier nu bij die vreemde mensen zitten, die nochtans prachtige gebouwen hebben en indrukwekkende religieuze gebruiken en feesten, en goed georganiseerd zijn! Heeft het nog wel zin dat we vasthouden aan dat geloof van vroeger? En wat was dat geloof eigenlijk ook weer?

Van hieruit beginnen ze te vertellen. Zo worden ze zich vooral bewust wat er allemaal fout is gelopen. Dat doen ze door de geschiedenis op te rakelen en de vinger op de tere plek te leggen. Dat staat te lezen in de boeken van de zogenoemde vroege profeten. Dat zijn de boeken Jozua, Rechters, Samuel en Koningen. Deze geschiedenis wordt echter niet beschreven vanuit een louter historische interesse, maar vooral vanuit de vraag: waar en hoe hebben we onze eigen denkbeelden laten prevaleren boven het grotere algemeen belang. Of anders gezegd: waar hebben we het eigenbelang luider laten klinken dan de stem van ons geweten, de stem van God.

Vanuit deze bezinning ontstaan enkele oriëntaties naar de toekomst. Aldus het lange verhaal van de inname van het beloofde land onder leiding van Jozua, de opvolger van Mozes, en de organisatie van de samenleving tot de tijd van de ballingschap. Het is ook de overgang van een nomadenbestaan naar een sedentair georganiseerde samenleving. Dat speelt mee op de achtergrond in het boek Rechters. De installatie van het koningschap neemt hierin een voorname plaats in. “Wij moeten een koning hebben” luidt de populistische slagzin. “Wij willen zijn zoals de andere volkeren”. Want dat heeft de joodse gemeenschap gedaan: ze heeft afgekeken en gekopieerd hoe het er in de buurstaten aan toe ging. Hoe die heersers daar de plak zwaaien en slaven onderdrukken, en onbillijke belastingen opleggen, en heel de santenkraam. Daarom klinkt het verhaal vanuit de ballingschap ook zo kritisch tegen de invoering van het koningschap. Het is een grote mislukking geworden. Een koning naar het model van de Assyriërs of de Perzen moeten we absoluut niet meer hebben.

In het boek Rechters wordt de kwestie van het koningschap op een heel plastische wijze ter sprake gebracht. Het gaat om de vraag welk soort leiders goed zijn voor de mensen. De figuren die als leiders ten tonele worden gevoerd laten niets aan de verbeelding over. Het staat vol van intriges, geheimdoenerij, valstrikken, moordpartijen, verkrachtingen, en meer van dat moois. En toch breekt hier en daar een kritische stem door die enkele lijnen uitzet waaraan een leider dient te beantwoorden. Het gebeurt aan de hand van een soort negatieve theologie: we weten beter wat het niet moet zijn dan we kunnen zeggen wat het dan wel moet zijn.

Het verhaal dat we beluisteren presenteert ons een zekere Abimelech die tot koning was uitgeroepen. Abimelech was van geen kleintje vervaard. Hij had een troep gewetenloze avonturiers weten te verzamelen met wie hij naar het huis van zijn vader was getrokken waar hij zijn 70 broers één voor één op dezelfde steen had vermoord, eer hij tot koning werd uitgeroepen. Alleen Jotam, de jongste had weten te ontkomen. Hij had zich verstopt, en toen hij vernam dat Abimelech tot koning was gekozen gaat hij de berg op en hij roept de burgers van Sichem het volgende toe. Sichem is een bijzondere plek met een symbolische betekenis. Het was de eerste plaats waar Abraham stopte toen hij uit Haran was aangekomen in Kanaän.

Lezing: Rechters 9, 7-21

Toen dit aan Jotam bericht werd, ging hij op de top van de Gerizzim staan en schreeuwde luid: `Burgers van Sichem, luistert naar mij, dan luistert God naar u. 8Eens gingen de bomen er op uit om iemand tot koning te zalven. Ze zeiden tegen de olijfboom: Wilt u koning over ons worden? 9Maar de olijfboom antwoordde: Moet ik dan ophouden die olie te geven, waarom de goden en de mensen mij eren en moet ik boven de andere bomen gaan zweven? 10Toen zeiden de bomen tegen de vijgeboom: Wilt u koning over ons worden?11Maar de vijgeboom antwoordde: Moet ik dan ophouden mijn zoete en heerlijke vruchten te geven en boven de andere bomen gaan zweven? 12Toen zeiden de bomen tegen de wijnstok: Wilt u koning over ons worden? 13Maar de wijnstok antwoordde: Moet ik dan ophouden mijn most te geven, die de goden en de mensen verblijdt, en boven de andere bomen gaan zweven? 14Daarop zeiden alle bomen tegen de doornstruik: Wilt u koning over ons worden? 15En de doornstruik gaf de bomen ten antwoord: Als u mij werkelijk tot koning wilt zalven, kom dan maar schuilen onder mijn schaduw. Wilt u dat niet, dan zal er van de doornstruik een vuur uitgaan, dat zelfs de ceders van de Libanon verteert. 16Het is wel duidelijk, dat het niet oprecht en trouw van u was. Abimelek tot koning uit te roepen: daarmee bent u uw verplichtingen tegenover Jerubbaal en zijn familie immers nagekomen! Heeft hij dat aan u verdiend? 17Mijn vader was het die voor u heeft gestreden, die zijn leven voor u op het spel heeft gezet en die u uit de macht van de Midjanieten heeft bevrijd. 18Toch hebt u zich vandaag tegen mijn familie gekeerd. De zeventig zonen van mijn vader hebt u op een en dezelfde steen vermoord, en Abimelek, een zoon van zijn slavin, hebt u tot koning over de burgers van Sichem uitgeroepen, en dat alleen omdat hij uw broeder is. 19Als u meent dat u vandaag oprecht en trouw geweest bent tegenover Jerubbaal en zijn familie, dan wens ik u veel geluk met Abimelek, en hem met u! 20Maar als dat niet zo is, dan moge er van Abimelek een vuur uitgaan dat de burgers van Sichem en Bet-millo verteert, en van de burgers van Sichem en Bet-millo een vuur dat Abimelek verteert.’21Daarop nam Jotam de vlucht, hij week uit naar Beer en bleef daar, buiten het bereik van zijn broer Abimelek.

Het vertellen van dit verhaal in een tijd dat de koning metterdaad boven de anderen uit wil tronen, wat de olijfboom en de vijgenboom en de wijnstok juist niet willen, betekent het einde van het koningschap. Na de ballingschap zal er dan ook geen koning meer regeren. Zeker niet een koning naar oud-oriëntaals model. Het tegenbeeld wordt bezongen in psalm 72. Voor kleine mensen is hij bereikbaar. In dat beeld wordt de messiaanse figuur geëvoceerd. Hij brengt een messiaanse gemeenschap op de been. Dat zingen we uit in psalm 72 die metterdaad een alternatief beeld geeft van de koning die soelaas brengt en opluchting.

Lied: Psalm 72 

Voor kleine mensen is hij bereikbaar
hij geeft hoop aan rechtelozen
hun bloed is kostbaar in zijn ogen
hij koopt hen vrij uit het slavenhuis

 

Aandachtspunten voor 14/10 

Achter welke evangelische waarden scharen wij ons? Door welke waarden laten wij ons leiden in onze keuze voor deze of gene partij, kandidaat of verkozene die onze stem vraagt? Graag wil ik kort een 4- tal thema’s aanhalen, die belangrijk kunnen zijn in onze keuzes.

We moeten blijven zoeken naar oplossingen, en handelen omdat in onze maatschappij het milieu onder druk staat. Is er een lange-termijn visie die onze kinderen, kleinkinderen en veel later ten goede komt. Mogen wij aanvaarden dat de ecologische voetafdruk van een baby hier bij ons meer dan 400 x groter is dan een kind uit centraal Afrika? Welke verkozene durft het aan de resultaten van milieuonderzoek, zoals recent nog gepubliceerd, te gebruiken om de schadelijke effecten van vervoer, vervuilende industrie, en of energieproductie om te buigen naar een beter leefmilieu. Misschien ten koste van een stukje welvaart. Voor meer welzijn. Ik besef: ook ik zal moeten inbinden in mijn manier van leven, en zorgvuldiger omspringen met onze schepping. Dertig jaar geleden reeds werd een conciliair proces op gang getrokken, met als thema “gerechtigheid, vrede en heelheid van de schepping“. Bij behoud van de schepping gaat het om een zorgvuldige omgang met het door God geschapene. Mens en natuur leven in één verband. Dat is althans waar wij van dromen. De mens als behoeder, niet als bezitter. De strijd tegen milieuverloedering als programmapunt.

De woningnood in steden is nog nooit zo nijpend geweest.
In Gent zijn er heel wat sociale woningen, maar er zijn er nog altijd veel te weinig en ze zijn niet goed onderhouden. Een recente reportage bracht ons schrijnende beelden van de St Bernadettewijk. In Nieuwgent zijn er appartementsblokken die eigenlijk beter afgebroken zouden worden. Men verricht geen grote herstellingswerken meer. Mensen leven er met muizen, kakkerlakken, zetten emmers in de kamer om waterlekken op te vangen, de schimmel staat op de muren. De maatschappij zit in slechte papieren en heeft geld tekort. Bijgevolg laat men de situatie verder rotten. Verschillende organisaties hebben zich al gegroepeerd maar tot hiertoe met weinig resultaat.
Een beetje verderop staan er woningen en appartementen leeg, die men onbruikbaar maakt door de vloer stuk te slaan, keuken en badkamermeubels breekt men uit om te voorkomen dat ‘krakers’ het huis zouden inpalmen voordat de renovatie begint.

“Vluchtelingen zijn mensen zoals iedereen, zoals jij en ik. Ze leidden een gewoon leven tot ze weg moesten en hun grootste droom is om terug een normaal leven te kunnen leiden. Laat ons op deze wereldvluchtelingendag, onze gemeenschappelijke menselijkheid gedenken, tolerantie en diversiteit vieren en ons hart openstellen voor vluchtelingen overal ter wereld.” Het zijn de woorden van VN secretaris Ban-Ki-Moon. Een zinvolle gedachte die ons kan leiden bij de keuzes die wij maken. Kiezen wij voor politiekers die kibbelen over opvangplaatsen, en cijfers. Of gaat de keuze naar hen die integratie bovenaan de agenda plaatsen. Ook al besef ik dat er geen eenvoudig en pasklaar antwoord is voor deze complexe materie.

Een laatste aandachtspunt in onze keuzes, is het groeiende populisme. Als het populisme ons één ding leert, dan wel dat populisme nooit goed eindigt. Of het nu links of rechts georiënteerd is. Het zijn simplistische oplossingen voor complexe problemen. En de namen van sommige wereldleiders zijn ons bekend. Die aandacht verdienen ze hier niet… door angst te creëren verdelen zij de samenleving. Zij beweren onze waarden te verdedigen, maar in werkelijkheid breken ze die af. Onder het mom de vrijheid te propageren, verkwanselen zij die vrijheid.

Deze leidraad is niet af natuurlijk. Aan u om straks aan te vullen met uw aandachtspunten. Om te zoeken naar die partij of politicus die op lange termijn durft inzetten. Die misschien minder populaire voorstellen op tafel gooit… 

Inleiding tafelgebed

Een tafel is een veelzeggend symbool. Het is de plek waarrond het gezin, de familie, de vrienden worden samengebracht. Aan tafel is aandacht voor eenieder. Er heerst gezelligheid. Verhalen volgen elkaar op. Belevenissen, avonturen, tegenslagen, succeservaringen. Er wordt verteld over wie er vroeger bij waren maar er nu niet meer zijn. We heffen een glas op de afwezigen, want we vergeten hen niet. En we denken aan vrienden die misschien aan de andere kant van de wereld wonen en daar hun ding doen. We hopen dat dit samenzijn een symbool mag zijn van de samenleving die we hopen met elkaar te delen. En we roepen het leven van de man uit Nazareth voor ogen. Hij was brood voor het leven van mensen. Wij gedenken hen die in zijn voetspoor ons zijn voorgegaan en voor wie we de kaarsjes ontsteken en ook allen die waar ook ter wereld in die gezindheid samen zijn.

Lied

Wie heeft brood genoeg
voor zo’n grote hongerige menigte?

Vredeswens

Laten we niet alleen blijven met de gedachte: dit kan niet, dit mag niet, dit moet anders! Mochten deze gedachten, deze verontwaardiging gedeeld worden, en leiden tot gedeelde kracht die verandering kan brengen! Laten we kracht putten uit het vertrouwen dat God aanwezig is waar we met twee of drie of meer samen deze weg gaan…
Laten we deze vrede aan elkaar toewensen.

 

*

foto: treurende profeet (Chagall, detail), foto G.Vanhercke