Dominicus Gent
Hemelvaartviering
Donderdag 14 mei 2026
Welkom op deze viering van het feest van hemelvaart, tussen Pasen en Pinksteren. Blij dat we het samen kunnen vieren met julie hier bijeen, met mensen online en onze speciale gasten voor deze dag: de 80+ dominicussers. Voor hen volgt er na de viering een etentje, op wat stilaan een traditie wordt (de geuren straks doen misschien watertanden, maar zijn wel gereserveerd voor wie die gezegende leeftijd heeft bereikt).
Hemelvaart: een beetje vreemd eigenlijk dat we vieren dat iemand echt weg is. En wat voor iemand. Maar soms moet de chef verdwijnen om de achterblijvers hun verantwoordlijkheid te laten opnemen en zo hun eigen mogelijkheden ten volle te laten openbloeien.
Wij zijn die achterblijvers hier en nu vandaag. Wij mogen de stok overnemen van die mens die met zo weinig zoveel kon doen en betekenen. Maar wees niet bang. Jong of oud, het maakt niet uit: hier wordt van toekomst gedroomd, en ontstaat beweging. We hebben elk alleen en samen, onze unieke sterktes om van deze wereld een beter plek te helpen maken. We staan daar niet alleen voor en stellen ons daarbij graag onder het licht van de Paaskaars.
Zingen we dan deze viering open.
Lezing: Handelingen 1, 1-11
Na deze woorden
werd Hij ten aanschouwen van hen omhooggeheven
en een wolk onttrok Hem aan hun ogen.
Terwijl zij Hem bij zijn hemelvaart gespannen nastaarden,
stonden opeens twee mannen in witte gewaden bij hen die zeiden:
“Mannen van Galilea,
wat staat ge naar de hemel te kijken?
Deze Jezus die van u is weggenomen naar de hemel,
zal op dezelfde wijze wederkeren
als gij Hem naar de hemel hebt zien gaan.”
1
We hebben het aan de evangelist Lucas te danken dat het paasgebeuren in drie stappen wordt voorgesteld. Verrijzenis, Hemelvaart en Pinksteren. Het gaat niet om drie aparte gebeurtenissen die elkaar netjes het één na het ander opvolgen. Het is veeleer Lucas’ bedoeling ons mee te nemen in wat de leringen overkomen is. Er is namelijk zoveel sinds Jezus gekruisigd is: veel dat hen in de war heeft gebracht. En vooral: Hoe moet het verder zonder Jezus!
Sommigen van de leerlingen denken eraan naar huis terug te keren. Zoals de Emmausgangers. Ze zijn bedroefd en ontgoocheld. En toch. Ze weten dan wel dat het einde onverbiddelijk is, toch wringt en schuurt er iets van binnen. Er is ook een innerlijke stem die zegt dat het niet allemaal “Amen en uit” is. Dat kàn gewoon niet. Ze moeten telkens weer denken hoe ze samen aan tafel met Jezus het brood hebben gedeeld. Ze kunnen het niet vergeten. Dus dan maar terug naar Jeruzalem. Terug naar hun kompanen.
We kunnen ons voorstellen hoeveel angst en ontgoocheling er leeft in dat groepje apostelen en sympathisanten. Daar is ook alle reden toe. Zowel de orthodoxe joden als de Romeinse soldatengarde willen hen liever helemaal kwijt. Ze zien namelijk dat er nog meer sympathisanten zijn die Jezus niet zomaar in een put van vergetelheid willen achterlaten. Zowel de joden als de Romeinen zijn als de dood voor een nieuwe beweging; ze willen dat koste wat kost tegen houden. Een nieuwe beweging kunnen ze missen al kiespijn.
En toch is er veel veranderd. Ook bij de leerlingen. Zomaar gewoon terug keren naar hun vroegere bezigheden, terug naar de visserssloeppen: dat is ook maar niets. Ze kijken elkaar aan. Er moet méér zijn. Ze hebben hun grote profeten gelezen en dat heeft opnieuw moed gewekt. Stap voor stap hebben ze nieuwe moed gevat. Tot er een doorbraak komt.
Het zal uiteraard niet zo spectaculair geweest als de evangelist Lucas vertelt. In zijn laatste samenzijn met zijn leerlingen belooft Jezus dat alles duidelijk zal worden. Want de verleiding blijft overeind. Ze willen graag weten wanneer de definitieve doorbraak komt: “Zult ge nog in deze tijd het koninkrijk herstellen?”
Blijkbaar blijven ze hopen dat er een mirakel uit de lucht zal vallen. Maar neen. Jezus is geen triomferende koning die zijn macht etaleert. Dat is een illusie. Nu moeten ze zelf de hand aan de ploeg slaan. Hun verantwoordelijkheid opnemen. Niet naar de hemel blijven staren, maar de boodschap van Jezus concrete gestalte geven. Hier en nu. Jezus van Nazareth is werkzaam in de opstanding van zijn leerlingen.
“Hij gaat u voor naar Galilea, dààr zult ge hem zien”. De geschiedenis zélf is de toetssteen voor de geloofwaardigheid van het verrijzenisgeloof. Opstanding is geen spektakelgebeuren. Het gebeurt al dan niet in het gewone leven van alledag.
2
Ignace liet het ons herbeleven: de ontgoocheling, het gevoel van verlaten zijn en angst, als Jezus met alles waar hij voor staat de wereld definitief verlaten heeft. Zijn werk is nochtans onaf. Onaf? De toestand lijkt dramatischer dan ooit. In plaats van vrede en solidariteit kondigt zich vervolging en marteldood aan. De brute macht laat zich gelden ten koste van veel gewone, kwetsbare mensen. Er is werk aan de winkel voor de leerlingen van Jezus. Dat was toen.
En hoe zit dat hier en nu, vandaag voor ons? Het gevoel dat een streven naar menselijkheid en solidariteit de wereld verlaten heeft dringt zich opnieuw op. Soms lijkt het haast hopeloos om het tij nog te keren. Jezus en waar hij echt voor staat lijken van de aardbol verdwenen. Hoe kunnen we zijn boodschap die ons zo dierbaar is doorgeven aan ‘onze’ kinderen en kleinkinderen.
Waar wordt zichtbaar en tastbaar waar het echt om te doen is, en wat het voor mensen en gemeenschappen kan betekenen? Moeten en kunnen wij, nu we oud en grijs worden, nog wel aan die kar trekken? Hoe kan je de jongere generatie raken, een gevoel van gronding en waarde meegeven – die niet moet afhangen van de laatste whatsapp en facebook-distractie? Waar zien wij nu onze verantwoordelijkheid? Wat is de geloofwaardigheid van onze samenkomsten?
Misschien kunnen woorden van T.S Eliot ons warm maken, uit het gedicht ‘Four Quartets’, geschreven in een zeer gelijkaardige context:
‘Liefde komt het dichtst bij haar ware aard als het hier en nu ophouden te bestaan. Oude mensen horen ontdekkingsreizigers (‘explorers’) te zijn. Hier en daar doet er niet toe. We moeten stil zijn en toch in beweging blijven, naar een andere intensiteit, voor een verdere verbondenheid, een diepere gemeenschap. Door de donkere kou en de lege verlatenheid, het gehuil van de golven, het gehuil van de wind, de uitgestrekte wateren van de stormvogel en de bruinvis.’
En:
‘We zullen niet ophouden met verkennen. En het einde van al ons verkennen zal zijn dat we aankomen waar we begonnen zijn. En de plek voor het eerst echt leren kennen.’
Dat blijvend verkennen en ontdekken zien we gelukkig op veel plekken. Ik bewonder het vuur, de energie en scherpte waarmee Bernie Sanders (84 jaar)blijft spreken in Amerika. Tegen alle populistische, narcistische en geldgedreven macht en tegenslagen in spreekt hij mensen toe in glanzende toonaarden en laat hen zien hoe veel beter en rechtvaardiger en zorgzamer men zou kunnen samenleven. En dat niemand anders dan elk van hen (en ons) de opdracht en de mogelijkheid heeft om het tij te helpen keren.
We hoorden hier de voorbije weken over vrouwen in duistere, soms gitzwarte tijden – hoe zij de liefde bewaren ondanks alles gedurende vele jaren van onmenselijke omstandigheden. De vijand van de liefde die dood en onveschilligheid heet – weten zij te vermijden. Zo worden ook zij een bron van hoop en spirituele inspiratie nog lang na hun dood.
Maggy Barankitse heeft – na het verbeurd verklaren van alles was ze opgebouwd had in Burundi, en het belanden op een lijst van ’te vermoorden vijanden van het regime’ – toch weer wonderen verricht. Met en voor de grote groep Burundese vluchtelingen in Rwanda bouwde ze ondertussen een kleuterschool, lagere en middelbare school uit, waar zij een toekomst kunnen helpen waarmaken.
We hoorden in het nieuws over ‘het gezin van het jaar’ dat hun huis en thuis deelt met een 10-tal mensen met een beperking. Ze stralen enthousiasme en vreugde uit. Een beetje zoals Frank in een recente podcast van Bijlichten (http://www.bijlichten.be)
En het houdt niet op. We zijn blij voor deze feestelijke gelegenheid van hemelvaart ook nog eens twee ‘oude knarren’ uit de eigen gemeenschap aan het woord te kunnen laten, die enthousiast en creatief hun verantwoordelijkheid blijven opnemen, en zelfs nog iets nieuws beginnen.
Inbreng Erik
Inbreng Katrien
Tafeldienst
Zoals de Emmausgangers Jezus herkenden aan het breken van het brood, zo zijn ook wij hier samen om zijn gedachtenis in herinnering te roepen. Zo blijft hij leven: zolang ook wij het brood breken als teken van de geest die hij gezonden heeft. De geest van Pinksteren die ons open blaast om de frisse lucht binnen te laten van het nieuwe verhaal dat wij vandaag handen en voeten geven. “Hij gaat u voor naar Galilea”: daar is het allemaal begonnen. Onooglijk maar onuitwisbaar. Dat vieren we in dankbaarheid. Mogen wij het teken van het breken van het brood ook waar maken in ons leven.
Onze vader
Vredewens
Jezus, die als graan geoogst zal worden
die als brood gedeeld wil worden
om in mensen mens te worden
die, verborgen in zijn God,
onze vrede is geworden:
laat ons elkaar die vrede wensen

