Dominicus Gent
Viering van zondag 2 augustus 2026
Gaven van de Geest en wijsheid van de gemeenschap
Goede morgen en van harte welkom aan jullie allen en zij die met ons van op afstand meevieren. Na drie weken radiostilte komen we gelukkig terug bij elkaar om te vieren en om na te denken hoe wij als gemeenschap zijn en in welke richting we nog kunnen evolueren.
Welke plaats nemen we als Dominicus in binnen de brede geloofsgemeenschap? Want laten we eerlijk zijn: onze manier van vieren is niet vanzelfsprekend. Hoe verantwoorden we onze eigenheid als de meningen verschillen? We kijken scherp naar wie we zijn, waar we schuren én hoe we onze eigenheid krachtig verantwoorden.
We moeten onder stoelen of banken steken dat er spanningen zijn in de evolutie van kerk zijn en de Kerk van Rome. We moeten nog altijd met elkaar in dialoog kunnen treden, elkaars mening respecteren maar toch ons venster openzetten voor de verschillende manier waarop gevierd kan worden in gemeenschap.
Deze week vond ik op de kalender van de Druivelaar volgende tekst van Catherine Rambert.
Om te ontvangen moet je geven
En om bemind te worden
Moet je beminnen.
Om onthaald te worden
Moet je onthalen.
Zo is nu eenmaal het leen;
Om te oogsten moet je zaaien.
Laten we zingen dat we hier in een huis zijn waar de deur openstaat voor zoekers en zieners genood of gekomen hun harten verwarmen, en van de toekomst gaan dromen…
Lezing 1Korintiërs; 4- 11
‘Er zijn verschillende gaven, maar de Geest is een en dezelfde. Er zijn verschillende vormen van dienstverlening, maar de Heer is een en dezelfde. Er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht, maar het is een en dezelfde God, die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van ons wordt de openbaring van de Geest gegeven tot welzijn van allen. Aan de een wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven; aan een ander een woord van kennis, krachtens dezelfde Geest; aan een derde door dezelfde Geest het geloof; aan weer anderen schenkt diezelfde Geest de gaven om ziekten te genezen, de kracht om wonderen te doen, de gave van profetie, de onderscheiding van geesten, het vermogen om in talen te spreken of de betekenis ervan uit te leggen. Dit alles is het werk van één en dezelfde Geest, die aan ieder zijn gaven uitdeelt zoals Hij het wil.’
1 Bezieling en samenhorigheid
“In dit teken zult ge overwinnen”. We zijn in het jaar onzes Heeren 313. Keizer Constantijn heeft een droom gehad. Hij heeft gedroomd dat hij door de hulp en de kracht van het christelijke Chi – Ro symbool (de eerste letters van de naam Christus in het Grieks) de overwinning zou behalen op zijn rivaal Maxentius. De soldaten van Constantijn met het Chiro-teken op hun schilden versloegen inderdaad Maxentius in de clash aan de Milvische brug.
Voortaan mogen christenen vrij hun godsdienst beleven zonder vrees voor nieuwe vervolgingen. Maar vooral: Constantijn is geen simpele geest. Hij houdt ook de stabiliteit van zijn rijk in de gaten. Het zint hem niet dat de bisschoppen niet tot een akkoord komen over theologisch kwesties. Inderdaad: wanneer de betekenis van Jezus Christus in het geding is, vliegen de emoties hoog op. De eensgezindheid is ver te zoeken. Maar Constantijn wil helderheid. Wanneer hij vaststelt hoe hardnekkig bisschoppen kunnen zijn, organiseert hij een concilie: daar zou de zaak beslecht worden. Toen hij, ten einde raad allicht, vaststelt dat dat niet lukt, besluit hij de theologische knoop zelf door te hakken. Een nog ongedoopte Constantijn bepaalt wat het wezen van het christelijk geloof zou zijn.
De kerk is geboren. Jammer genoeg niet in de betekenis die vroeger aan het begrip “kerk” werd gegeven: Kerk als verbondenheid van alle mensen die zich geroepen weten om in het voetspoor van Jezus te treden. Van nu af aan zou het gaan over geloofspunten. De geloofsleer. De dogma’s. Zij dienen garant te staan voor de eenheid van het rijk. De kwesties die bediscussieerd werden, waren niet minnetjes! Christus zou wezensgelijk aan God de Vader genoemd worden, Christus is God de zoon: mens geworden zonder ook maar iets van zijn goddelijkheid af te doen; Jezus heeft door zijn lijden en kruisdood alle mensen, levenden en doden, gered van de eeuwige dood. Hij zal op het einde der tijden als rechter oordelen over het leven van mensen en waar ze naartoe mogen: hemel of hel.
Het staat ver af van wat Jezus van Nazareth bezielde: de profeet die kleine en arme mensen nabij was, die het om gerechtigheid en vrede te doen was. Hij werd overrompeld door een reeks dogma’s. Zij zijn beslissend om uit te maken of je al dan niet tot dat kerkinstituut behoort. De verkondiging van het rijk Gods die in het hart van Jezus’ prediking staat is op het achterplan geraakt, ten voordele van een kerk als een wereldlijke instelling.
Doorheen de geschiedenis zijn er telkens weer mensen geweest, profetische figuren die afstand genomen hebben van een kerk die het om macht en aanzien te doen was. De evangelische boodschap is ondanks alles levend gebleven.
Eeuwen later komt er een heel andere wind waaien. Geloofspunten, dogma’s, komen onder kritiek te staan. De kritisch-wetenschappelijke Bijbelstudie brengt heel nieuwe inzichten aan het licht. Vanaf de 17e eeuw zijn er voorzichtige stemmen die de Bijbel als “woord van God” relativeren. Vanaf het einde van de 19e eeuw is die sfeer van kritisch denken niet meer te stoppen.
Dat betekent uiteraard niet dat het kerkinstituut het graag zag gebeuren. Integendeel. Eén van de meest gekende theologen in die dagen is de priester en theoloog Alfred Loisy (1857-1940). De historisch-kritische lezing betekent het einde van een letterlijke bijbel-interpretatie. De maagdelijke geboorte van Jezus, de nederdaling van de heilige geest, de hemelvaart van markante persoonlijkheden blijken in andere religies eveneens te vinden te zijn. Loisy werd op 7 maart 1908 door Pius X geëxcommuniceerd.
Maar het ijs was gebroken.
Volgehouden studie leert veel over de vroege christengemeenschap van de eerste eeuw. Het is een marginale beweging in de rand van de samenleving. Met een ongetwijfeld bijzondere bezieling, maar aangewezen op zichzelf. Samenhorigheid is van vitaal belang. Elkaar moed inspreken tegenover het vaak vijandige Romeinse beleid. Maar tegelijk met het voorbeeld van Jezus voor ogen. “Wat klein en nietig is in de ogen van de wereld” had hij gewaarschuwd. Een gemeenschap zonder aanzien, maar met een bezieling die niet te breken is. Laat de grote dromen maar voor wat ze zijn. Volgelingen van Jezus moeten niet hopen op kathedralen of wolkenkrabbers als onwankelbare getuigen van macht en aanzien. Dat hoort thuis in de wereld van keizer Nero en zijn gelijken.
“Wat klein en nietig is in de ogen van de wereld”: hoe waar is het! Jezus belooft geen grote paleizen zoals keizer Nero het voor zich zelf droomt. Het gaat om iets heel anders. Het gaat om mensen die voor elkaar een uitgestoken hand willen zijn.
Het geldt ook vandaag. Als geloofsgemeenschap staan wij andermaal voor heel nieuwe uitdagingen. Maar de kern van de evangelische boodschap blijft overeind. Dat we de bezieling van Jezus niet laten wegkwijnen, en dat we elkaar ook vandaag blijven bemoedigen. Mensen zijn op elkaar aangewezen. “Je kunt niet zonder de anderen”. Zjef van Uytsel zong het reeds meer dan 10 jaar geleden. “alleen ben je te klein en te bang”. Het is waar.
2 Gaven van de Geest en wijsheid van de gemeenschap
Het doet deugd de samenhorigheid en verbondenheid in deze gemeenschap te mogen ervaren. En tegelijk zijn we ons bewust van haar broosheid. We kunnen niet hopen op de eeuwigheid er van. En we hebben daar ook wel vrede mee. Alleen al het gebouw waar we samenkomen ademt eindigheid. So be it. Wat ons veel meer ter harte gaat is dat de boodschap van Jezus van Nazareth een bron van inspiratie mag blijven voor ons vandaag.
We zien het rondom ons gebeuren hoe kerkelijke voorschriften voorrang krijgen op de creativiteit van gemeenschappen die proberen in de geest van Jezus samen te komen. De zoveelste priester heeft nog maar eens een punt moeten zetten achter zijn zorg voor zijn lokale gemeenschap. De organisatie van de geloofsgemeenschappen zonder gewijde mannen botst tegen haar grenzen. Als er nog een vitale priester te vinden is, krijgt hij meteen de eindverantwoordelijkheid van een dozijn kerken voorgeschoteld. Gelukkig is er een groeiend aantal lokale gemeenschappen die nieuwe wegen zoeken. Let wel: volgens de kerkelijke voorschriften mag enkel eucharistie worden gevierd wanneer de priester voorgaat. Gevolg is dat “een priester van dienst” zijn weekend vol maakt met een race van de ene kerk naar de andere.
Nog maar kort na de dood van Jezus horen we bij Paulus enkele hartverwarmende richtlijnen. Centraal staat de gave van de geest die aan allen gegeven is. Verder wordt de organisatie overgelaten aan de wijsheid van de gemeenschap. In verschillende van zijn brieven dringt Paulus er op aan dat het gaat om de geest die aan allen is uitgedeeld. Hij erkent dat er verschillende gaven zijn, maar dat alle gaven in dienst staan van het éne lichaam. Er is nergens sprake van priesters die het alleenrecht zouden hebben in het voorzitten van de gemeenschap.
Het geldt ook vandaag. Als geloofsgemeenschap staan wij voor steeds nieuwe uitdagingen. Maar de kern van de evangelische boodschap blijft dezelfde. Dat we de bezieling van Jezus niet laten wegkwijnen., en dat we elkaar ook vandaag blijven bemoedigen. Mensen zijn op elkaar aangewezen. “Je kunt niet zonder de anderen”…
Tafelgebed
We zijn uitgenodigd om aan tafel te gaan. Jezus ging dit 2000 jaar geleden ook voor in het bijzijn van zijn leerlingen. Hij gaf ons zo een moment om te beseffen dat we elkaar nodig hebben en elkaar lief moeten hebben en dat we dit kunnen vieren telkens we samen komen in zijn naam. Breken en delen van brood en wijn, gemeenschap vormen en thuiskomen bij elkaar.
Maar eerst steken we kaarsjes aan die drijven in het doopwater naast de stenen waar de namen van ons dierbaren zijn geschreven. Hun leven is voltooid en zij mogen rust vinden in het Eeuwige Licht.
Het solidariteitskaarsje steken we ook en we denken daarbij aan allen die onze steun nodig hebben vandaag ergens in de wereld.
Jezus van Nazareth, de nieuwe mens,
Die ons heeft voorgedaan
Wat leven is, wat liefde doet;
Die een mens voor anderen geworden is
En zich met hart en ziel gegeven heeft
Aan deze wereld
Die op de avond voor zijn lijden en dood,
Het brood genomen en gebroken heeft
En aan zijn vrienden uitgedeeld
Met de woorden:
‘Neemt en eet, mijn lichaam voor u,
Doet dit tot mijn gedachtenis.’
Die ook de beker heeft genomen
Met de woorden: ‘ Dit is de beker
Van het nieuwe verbond, mijn bloed
Voor u vergoten tot vergeving van uw zonden,
Doe dit tot mijn gedachtenis.
Onze Vader
Vredeswens
Geluk vind je niet als je alleen blijft zitten
Geluk vind je niet in een onbewoond hart
Geluk vind je als je met de anderen wilt delen
Geluk vind je wel als je elkaar
Nieuwe kansen kunt geven
Geluk vind je echt, als je kunt zeggen
‘Morgen gaan we samen weer verder’.
Communie
Slottekst
Aangestoken zijn door geestdrift
En door geloof in mensen,
Ruimte scheppen voor dialoog,
Vertrouwen koesteren,
Geduld bewaren,
De kunst beoefenen
Om met ontzag voor traditie
Te zoeken naar de kracht
Van het nieuwe.
Daarin ligt het geheim
Van de verbindingsmens.
(Kris Gelaude)
Inleiding tot het tafelgebed.
–
– Lied: Boek 572 (1) ‘Zomaar een dak’
– Inbreng Paul ALOIS;;;;;
– Inbreng van de gemeenschap
– Inleiding Tafelgebed en aansteken van de kaarsjes. Paule
We mogen aan tafel gaan. Het is een vertrouwelijk gebeuren wanneer we samen iets vieren dat we dit bezegelen met aan tafel te gaan. Jezus deed net hetzelfde met zijn leerlingen. Hij nodigde ze uit en gaf ze een teken waarbij hij aangeeft dat hij dan bij ons is.
Maar eerst steken we de kaarsjes aan in de doopschaal. Tussen de kaarsjes drijven er stenen met namen van mensen die ons aan het hart lagen. Zij leven nu in het eeuwige Licht.
Daarna steken we het solidariteitskaarsje aan.
We voelen ons verbonden met alle mensen die elke zondag gemeenschap vieren met elkaar en daaruit kracht putten om
In de voetsporen van Jezus te leven.
Gezegend de onzienlijke gezegend de verborgene gezegend levende …dag liefde die dorstig maakt licht dat ziende maakt.
We zingen het lied:
– Tafelgebed: Boek 643 ‘ Gezegend de onzienlijke’
– Instellingswoorden Paule
Jezus stelde een teken
Waar zijn geest in openbaar en werkzaam is
Tot op vandaag.
Die op de avond voor zijn dood
Brood gebroken heeft
En aan zijn vrienden uitgedeeld-
Die een beker wijn genomen,
Dankgebed en zegening gesproken heeft
Die heeft gezegd:
– Onze Vader ( gezongen)
– Vredeswens Paule
Mogen wij elkaar blijven respecteren in ons verscheidenheid
En verder in gemeenschap mogen vieren als vrienden als broeders en zusters, vandaag en nog heel wat dagen.
– Communie
– Lied: Kaft 32 ‘Zegening’
– Slottekst Paule
– Mededelingen
– Bedanken van Michael, bijdrage vermelden voor de viering, Bar en Wereldwinkel
Praktische zaken:
– Ignace kiest de verschillende stukken van het Evangelie (1Korinthiërs;4-11)
– Schema van de viering en de liederen overmaken aan Ignace, Guido, Ignace, Niek, Michiel en Jo (samen met de liederen voor de streaming) Paule
– Bloemen voor op de tafel: Paule
20260208Dominicusviering
Voorgangers: Ignace , Paule
Muziek: Michiel
Cantor: Niek
Streaming: Guido, Els
Verloop van de viering:
– Pianist speelt zachte muziek voor de viering van start gaat.
– Verwelkoming Paule
– Openingslied: Kaft 81 ‘Welkom’
Goede morgen en van harte welkom aan jullie allen en zij die met ons van op afstand meevieren. Na drie weken radiostilte komen we gelukkig terug bij elkaar om te vieren en om na te denken hoe wij als gemeenschap zijn en in welke richting we nog kunnen evolueren.
Welke plaats nemen we als Dominicus in binnen de brede geloofsgemeenschap? Want laten we eerlijk zijn: onze manier van vieren is niet vanzelfsprekend. Hoe verantwoorden we onze eigenheid als de meningen verschillen? We kijken scherp naar wie we zijn, waar we schuren én hoe we onze eigenheid krachtig verantwoorden.
We moeten onder stoelen of banken steken dat er spanningen zijn in de evolutie van kerk zijn en DE KERK van Rome. We moeten nog altijd met elkaar in dialoog kunnen treden, elkaars mening respecteren maar toch ons venster open zetten voor de verschillende manier waarop gevierd kan worden in gemeenschap.
Deze week vond ik op de kalender van de Druivelaar volgende tekst van Catherine Rambert.
Om te ontvangen moet je geven
En om bemind te worden
Moet je beminnen.
Om onthaald te worden
Moet je onthalen.
Zo is nu eenmaal het leen;
Om te oogsten moet je zaaien.
In het volgende lied zingen we dat we hier in een huis zijn waar de deur openstaat voor zoekers en zieners genood of gekomen hun harten verwarmen, en van de toekomst gaan dromen.
We vinden het terug in de kaft op pagina 81.
Lezing 1Korintiërs; 4- 11
– ‘Er zijn verschillende gaven, maar de Geest is een en dezelfde. Er zijn verschillende vormen van dienstverlening, maar de Heer is een en dezelfde. Er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht, maar het is een en dezelfde God, die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van
– ons wordt de openbaring van de Geest gegeven tot welzijn van allen. Aan de een wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven; aan een ander een woord van kennis, krachtens dezelfde Geest; aan een derde door dezelfde Geest het geloof; aan weer anderen schenkt diezelfde Geest de gaven om ziekten te genezen, de kracht om wonderen te doen, de gave van profetie, de onderscheiding van geesten, het vermogen om in talen te spreken of de betekenis ervan uit te leggen. Dit alles is het werk van één en dezelfde Geest, die aan ieder zijn gaven uitdeelt zoals Hij het wil.’
Eerste inbreng Ignace
XP
“In dit teken zult ge overwinnen”. We zijn in het jaar onzes Heeren 313. Keizer Constantijn heeft een droom gehad. Hij heeft gedroomd dat hij door de hulp en de kracht van het christelijke Chi – Ro symbool : de eerste letters van de naam Christus in het Grieks de overwinning zou behalen op zijn rivaal Maxentius. De soldaten van Constantijn met het Chiro teken op hun schilden versloegen inderdaad Maxentius in de clash aan de Milvische brug.
Voortaan mogen christenen vrij hun godsdienst beleven zonder vrees voor nieuwe vervolgingen. Maar vooral: Constantijn is geen simpele geest. Hij houdt ook de stabiliteit van zijn rijk in de gaten. Het zint hem niet dat de bisschoppen niet tot een akkoord komen over theologisch kwesties. Inderdaad: wanneer de betekenis van Jezus Christus in het geding is, vliegen de emoties hoog op. De eensgezindheid is ver te zoeken. Maar Constantijn wil helderheid. Wanneer hij vaststelt hoe hardnekkig bisschoppen kunnen zijn, organiseert hij een concilie: daar zou de zaak beslecht worden. Toen hij, ten einde raad allicht, vaststelt dat dat niet lukt, besluit hij de theologische knoop zelf door te hakken. Een nog ongedoopte Constantijn bepaalt wat het wezen van het christelijk geloof zou zijn.
De kerk is geboren. Jammer genoeg niet in de betekenis die vroeger aan het begrip “kerk” werd gegeven: Kerk als verbondenheid van alle mensen die zich geroepen weten om in het voetspoor van Jezus te treden. Van nu af aan zou het gaan over geloofspunten. De geloofsleer. De dogma’s. Zij dienen garant te staan voor de eenheid van het rijk. De kwesties die bediscuteerd werden waren niet minnetjes! Christus zou wezensgelijk aan God de Vader genoemd worden, Christus is God de zoon: mens geworden zonder ook maar iets van zijn goddelijkheid af te doen; Jezus heeft door zijn lijden en kruisdood alle mensen, levenden en doden, gered van de eeuwige dood. Hij zal op het einde der tijden als rechter oordelen over het leven van mensen en waar ze naartoe mogen: hemel of hel.
Het staat ver af van wat Jezus van Nazareth bezielde: de profeet die kleine en arme mensen nabij was, die het om gerechtigheid en vrede te doen was. Hij werd overrompeld door een reeks dogma’s. Zij zijn beslissend om uit te maken of je al dan niet tot dat kerkinstituut behoort. De verkondiging van het rijk Gods die in het hart van Jezus’ prediking staat is op het achterplan geraakt, ten voordele van een kerk als een wereldlijke instelling.
Doorheen de geschiedenis zijn er telkens weer mensen geweest, profetische figuren die afstand genomen hebben van een kerk die het om macht en aanzien te doen was. De evangelische boodschap is ondanks alles levend gebleven.
Eeuwen later komt er een heel andere wind waaien. Geloofspunten, dogma’s, komen onder kritiek te staan. De kritisch wetenschappelijke Bijbelstudie brengt heel nieuwe inzichten aan het licht. Vanaf de 17e eeuw zijn er voorzichtige stemmen die de Bijbel als “woord van God” relativeren. Vanaf het einde van de 19e eeuw is die sfeer van kritisch denken niet meer te stoppen.
Dat betekent uiteraard niet dat het kerkinstituut het graag zag gebeuren. Integendeel. Eén van de meest gekende theologen in die dagen is de priester en theoloog Alfred Loisy (1857-1940). De historisch kritische lezing betekent het einde van een letterlijke bijbel-interpretatie. De maagdelijke geboorte van Jezus, de nederdaling van de heilige geest, de hemelvaart van markante persoonlijkheden blijken in andere religies eveneens te vinden te zijn. Loisy werd op 7 maart 1908 door Pius X geëxcommuniceerd.
Maar het ijs was gebroken.
Volgehouden studie leert veel over de vroege christengemeenschap van de eerste eeuw. Het is een marginale beweging in de rand van de samenleving. Met een ongetwijfeld bijzondere bezieling, maar aangewezen op zichzelf. Samenhorigheid is van vitaal belang. Elkaar moed inspreken tegenover het vaak vijandige Romeinse beleid. Maar tegelijk met het voorbeeld van Jezus voor ogen. “Wat klein en nietig is in de ogen van de wereld” had hij gewaarschuwd. Een gemeenschap zonder aanzien, maar met een bezieling die niet te breken is. Laat de grote dromen maar voor wat ze zijn. Volgelingen van Jezus moeten niet hopen op kathedralen of wolkenkrabbers als onwankelbare getuigen van macht en aanzien. Dat hoort thuis in de wereld van keizer Nero en zijn gelijken.
“Wat klein en nietig is in de ogen van de wereld”: hoe waar is het! Jezus belooft geen grote paleizen zoals keizer Nero het voor zich zelf droomt. Het gaat om iets heel anders. Het gaat om mensen die voor elkaar een uitgestoken hand willen zijn.
Het geldt ook vandaag. Als geloofsgemeenschap staan wij andermaal voor heel nieuwe uitdagingen. Maar de kern van de evangelische boodschap blijft overeind. Dat we de bezieling van Jezus niet laten wegkwijnen, en dat we elkaar ook vandaag blijven bemoedigen. Mensen zijn op elkaar aangewezen. “Je kunt niet zonder de anderen”. Zjef van Uytsel zong het reeds meer dan 10 jaar geleden. “alleen ben je te klein en te bang”. Het is waar.
We zingen het lied: ‘Zomaar een dak’ boek pag. 572 (1)
Tweede inbreng Paule
Het doet deugd de samenhorigheid en verbondenheid in deze gemeenschap te mogen ervaren. En tegelijk zijn we ons bewust van haar broosheid. We kunnen niet hopen op de eeuwigheid er van. En we hebben daar ook wel vrede mee. Alleen al het gebouw waar we samenkomen ademt eindigheid. So be it. Wat ons veel meer ter harte gaat is dat de boodschap van Jezus van Nazareth een bron van inspiratie mag blijven voor ons vandaag.
We zien het rondom ons gebeuren hoe kerkelijke voorschriften voorrang krijgen op de creativiteit van gemeenschappen die proberen in de geest van Jezus samen te komen. De zoveelste priester heeft nog maar eens een punt moeten zetten achter zijn zorg voor zijn lokale gemeenschap. De organisatie van de geloofsgemeenschappen zonder gewijde mannen botst tegen haar grenzen. Als er nog een vitale priester te vinden is, krijgt hij meteen de eindverantwoordelijkheid van een dozijn kerken voorgeschoteld. Gelukkig is er een groeiend aantal lokale gemeenschappen die nieuwe wegen zoeken. Let wel: volgens de kerkelijke voorschriften mag enkel eucharistie worden gevierd wanneer de priester voorgaat. Gevolg is dat “een priester van dienst” zijn weekend vol maakt met een race van de ene kerk naar de andere.
Nog maar kort na de dood van Jezus horen we bij Paulus enkele hartverwarmende richtlijnen. Centraal staat de gave van de geest die aan allen gegeven is. Verder wordt de organisatie overgelaten aan de wijsheid van de gemeenschap. In verschillende van zijn brieven dringt Paulus er op aan dat het gaat om de geest die aan allen is uitgedeeld. Hij erkent dat er verschillende gaven zijn, maar dat alle gaven in dienst staan van het éne lichaam. Er is nergens sprake van priesters die het alleenrecht zouden hebben in het voorzitten van de gemeenschap.
Het geldt ook vandaag. Als geloofsgemeenschap staan wij voor steeds nieuwe uitdagingen. Maar de kern van de evangelische boodschap blijft dezelfde. Dat we de bezieling van Jezus niet laten wegkwijnen., en dat we elkaar ook vandaag blijven bemoedigen. Mensen zijn op elkaar aangewezen. “Je kunt niet zonder de anderen”. Met dank aan Zjef Van Uytsel.
Inbreng van de gemeenschap.
Er is nu tijd voor stilte, een gebed of wenst iemand een aanvulling te geven bij de vorige inbrengen dan ben je hier vooraan welkom.
Inleiding tot het tafelgebed.
We zijn uitgenodigd om aan tafel te gaan. Jezus ging dit 2000 jaar geleden ook voor in het bijzijn van zijn leerlingen. Hij gaf ons zo een moment om te beseffen dat we elkaar nodig hebben en elkaar lief moeten hebben en dat we dit kunnen vieren telkens we samen komen in zijn naam. Breken en delen van brood en wijn, gemeenschap vormen en thuiskomen bij elkaar.
Maar eerst steken we kaarsjes aan die drijven in het doopwater naast de stenen waar de namen van ons dierbaren zijn geschreven. Hun leven is voltooid en zij mogen rust vinden in het Eeuwige Licht.
Het solidariteitskaarsje steken we ook en we denken daarbij aan allen die onze steun nodig hebben vandaag ergens in de wereld.
Tafelgebed Boek 643 ‘Gezegend de onzienlijke’
Instellingswoorden:
Jezus van Nazareth, de nieuwe mens,
Die ons heeft voorgedaan
Wat leven is, wat liefde doet;
Die een mens voor anderen geworden is
En zich met hart en ziel gegeven heeft
Aan deze wereld
Die op de avond voor zijn lijden en dood,
Het brood genomen en gebroken heeft
En aan zijn vrienden uitgedeeld
Met de woorden:
‘Neemt en eet, mijn lichaam voor u,
Doet dit tot mijn gedachtenis.’
Die ook de beker heeft genomen
Met de woorden: ‘ Dit is de beker
Van het nieuwe verbond, mijn bloed
Voor u vergoten tot vergeving van uw zonden,
Doe dit tot mijn gedachtenis.
Onze Vader ( gezongen)
Vredeswens
Geluk vind je niet als je alleen blijft zitten
Geluk vind je niet in een onbewoond hart
Geluk vind je als je met de anderen wilt delen
Geluk vind je wel als je elkaar
Nieuwe kansen kunt geven
Geluk vind je echt, als je kunt zeggen
‘Morgen gaan we samen weer verder’.
Communie met muziek ( vrij gekozen door de pianist)
Slottekst
Aangestoken zijn door geestdrift
En door geloof in mensen,
Ruimte scheppen voor dialoog,
Vertrouwen koesteren,
Geduld bewaren,
De kunst beoefenen
Om met ontzag voor traditie
Te zoeken naar de kracht
Van het nieuwe.
Daarin ligt het geheim
Van de verbindingsmens. Kris GELAUDE
Slotlied: Kaft 32 ‘Zegen’
Mededelingen: zijn er meededelingen?
Michael bedanken voor zijn muzikale inbreng
Nestkastje
Wereldwinkel
Aperitief
Een goede zondag gewenst.
Inleiding tot het tafelgebed.
–
– Lied: Boek 572 (1) ‘Zomaar een dak’
– Inbreng Paul ALOIS;;;;;
– Inbreng van de gemeenschap
– Inleiding Tafelgebed en aansteken van de kaarsjes. Paule
We mogen aan tafel gaan. Het is een vertrouwelijk gebeuren wanneer we samen iets vieren dat we dit bezegelen met aan tafel te gaan. Jezus deed net hetzelfde met zijn leerlingen. Hij nodigde ze uit en gaf ze een teken waarbij hij aangeeft dat hij dan bij ons is.
Maar eerst steken we de kaarsjes aan in de doopschaal. Tussen de kaarsjes drijven er stenen met namen van mensen die ons aan het hart lagen. Zij leven nu in het eeuwige Licht.
Daarna steken we het solidariteitskaarsje aan.
We voelen ons verbonden met alle mensen die elke zondag gemeenschap vieren met elkaar en daaruit kracht putten om
In de voetsporen van Jezus te leven.
Gezegend de onzienlijke gezegend de verborgene gezegend levende …dag liefde die dorstig maakt licht dat ziende maakt.
We zingen het lied:
– Tafelgebed: Boek 643 ‘ Gezegend de onzienlijke’
– Instellingswoorden Paule
Jezus stelde een teken
Waar zijn geest in openbaar en werkzaam is
Tot op vandaag.
Die op de avond voor zijn dood
Brood gebroken heeft
En aan zijn vrienden uitgedeeld-
Die een beker wijn genomen,
Dankgebed en zegening gesproken heeft
Die heeft gezegd:
– Onze Vader ( gezongen)
– Vredeswens Paule
Mogen wij elkaar blijven respecteren in ons verscheidenheid
En verder in gemeenschap mogen vieren als vrienden als broeders en zusters, vandaag en nog heel wat dagen.
– Communie
– Lied: Kaft 32 ‘Zegening’
– Slottekst Paule
– Mededelingen
– Bedanken van Michael, bijdrage vermelden voor de viering, Bar en Wereldwinkel
Praktische zaken:
– Ignace kiest de verschillende stukken van het Evangelie (1Korinthiërs;4-11)
– Schema van de viering en de liederen overmaken aan Ignace, Guido, Ignace, Niek, Michiel en Jo (samen met de liederen voor de streaming) Paule
– Bloemen voor op de tafel: Paule

