Dominicus-Gent
Viering van zondag 26 januari 2025
GETUIGENIS ROND BIJZONDERE JEUDGZORG (engagementsviering)
Welkom in dit uur van samenzijn, samen zingen en bidden. Jullie hier aanwezig, jullie thuis voor het scherm. Dit uur waarin we het vuur van het begin inademen en vragen om de aanwezigheid van de mens die nieuwe wegen baant, van God die om ons vraagt.
Paaskaars
Eeuwige, wij kijken met U naar onze geschonden wereld
die schreeuwt om een nieuwe kans.
Dat mag rechtgetrokken worden wat scheef liep
en verbonden wat uiteengeslagen is.
Zend uw Geest in ons midden zoals bij Jezus van Nazareth
die tegenover de verleidingen van de macht
kinderen en weerloze mensen centraal stelde.
Hen dienstbaar werd en bleef ook toen zijn leven op het spel stond.
Dan ligt de toekomst weer open vol belofte.
Daarop vertrouwen wij hier en nu.
1
Schets van de problematiek
Goeiemorgen, en welkom op deze zogenaamde “engagementsviering”. Dat label zegt op zich niet veel: sowieso geen eucharistieviering zonder engagement. Het zit in het DNA, in de kern van het Jezusverhaal en het breken van het brood. Dat dit zo bewust beleefd wordt, met een voorkeur voor de kansarme mens, maakt deze gemeenschap tot die unieke begeesterende groep. Vandaag laten we ons evangelisch bevragen en informeren door het specifieke engagement in de bijzondere jeugdzorg.
Veel kinderen en jeugd zien we niet verschijnen in de evangelies. Maar als ze binnenkomen klinkt duidelijk hoe belangrijk het is om recht te doen aan hen. Zo horen we bij Mattheus – na een dispuut over wie nu de belangrijkste is in het rijk van God’:
• Hij riep een kind bij zich, zette het in hun midden neer en zei `ik verzeker jullie: als je niet verandert en wordt als een kind, dan zul je het koninkrijk van de hemel niet binnen gaan.’
• `Wie een kind ontvangt in mijn Naam, ontvangt Mij.’
• `Wie een van de geringen die in Mij geloven van de goede weg afbrengt’: die kan maar beter met een molensteen om de nek in zee geworpen worden.
• Zal men niet 99 schapen in de bergen achterlaten om het verdwaalde schaap te zoeken? Zo is het ook bij jullie vader in de hemel: hij wil niet dat een van deze geringen verloren gaat’.
Laat daar nu net een groot probleem zijn in onze maatschappij, niet weinig jongeren lopen verloren en worden niet of onvoldoende geholpen. We lezen in de krant hoezeer men aan de alarmbel trekt. De gevolgen zijn groot voor (pleeg)ouders, scholen, de zorgsector, het veiligheidsgevoel in buurten waar drugs gebruikt en verhandeld worden. Zo’n 400 jongvolwassenen zijn bijvoorbeeld ook dakloos in Gent alleen al.
Die `heerlijke kindertijd’ waarin men speels en creatief en zonder zorgen de wereld ontdekt, graag gezien wordt en veel aandacht en zorg ontvangt, grenzen verkent en leert respecteren… wordt door vele jongeren gemist. Daar bouwt men nochtans het vertrouwen op en verantwoordelijkheidszin die de weg naar een toekomst opent.
Gelukkig zijn er mensen en organisaties die verloren gelopen jongeren willen ondersteunen in hun zoektocht naar een eigen zelfstandig bewandelbare weg.
Zo mochten we dankzij Thopevzw Silke ontmoeten die een team aanstuurt van de vzw aPart. Een koppel legde zijn spaarcenten bijeen en bouwt een woning voor sociale verhuur onder begeleiding. Twee wooneenheden zullen verhuurd worden aan jongeren die de vzw aPart begeleidt en de twee andere aan vluchtelingen die Thope ondersteunt.
Vzw aPart ondersteunt jongeren die uitstromen uit de residentiële jeugdzorg op vlak van activering richting werk of aangepast onderwijs, en ook op het cruciale punt van wonen. Voor elke 18-jarige zonder vangnet is helemaal zelfstandig gaan wonen moeilijk. Des te meer voor jongeren met een zware rugzak, een eigen problematiek en alleen een leefloon.
Ze worden geconfronteerd met heel wat drempels, hun gevoel van eigenwaarde staat meestal op een laag pitje en ze komen vaak terecht op lange wachtlijsten van de overbevraagde sociale huisvestingsmarkt. De private huurmarkt is dan weer te duur. (Waar hebben we dat nog gehoord).
Om sterker te staan qua mensen, expertise en middelen, heeft de vzw aPart zich recent geschaard onder het NestInvest-intiatief dat heel wat organisaties samenbrengt. Het werkt tweeledig: met een bv die naar middelen zoekt voor aanschaf, renovatie en beheer van `woningen’ en met een vzw die de bewoning begeleidt op maat van het profiel van de jongeren.
Nestinvest biedt betaalbare en comfortabele huurmogelijkheden aan, in combinatie met begeleiding op maat om elke jongere een rechtvaardige startkans te geven. Ze zijn gericht op een inclusief aanbod gespreid over de verschillende wijken van de stad, met oog voor inbedding in bestaande sociale structuren. Dat betekent dat zij naast een aantal eigen woningen voor verhuur, ook mobiele tiny houses hebben. Sommige staan bijvoorbeeld in de `living loop’ – een site aan de rand van de stad waar ook Ikea staat. Jongeren kunnen er wonen zonder dichte buren die overlast zouden kunnen ondervinden. Andere profielen kunnen terecht in een artistieke buurt – waar ze met hun talent gelijkgezinden zullen ontmoeten.
In de vzw aPart werken verschillende professionelen mee. Voldoende personeel vinden is moeilijk. Om het vol te houden moet je die gasten graag zien, zegt Silke. Je moet blij zijn met hele kleine succesjes. En soms loopt het ondanks alle inzet en geloof in de mogelijkheden toch nog mis. Je wordt er als mens wel vol van. Het is een cadeau hier mensen te ontmoeten die niet in de eerste plaats zelfgericht zijn. Ook mensen die een heel ander traject hebben afgelegd: kunnen elkaar versterken. Het wordt nooit saai: elke jongere is weer een heel ander verhaal.
En tenslotte geeft ze nog mee dat men ook een beroep wil doen op ons, het brede publiek: voor sensibilisering, voor vrijwilligers (buddies), voor giften, investering in een woning van NestInvest en noem maar op. Er valt nog zoveel te vertellen. Zo meteen horen we een getuigenis van Marc uit onze gemeenschap die lang in de jeugdzorg heeft gewerkt. Maar luisteren we nu eerst naar dat stukje evangelie van Mattheus om vervolgens te zingen: Boek jij bent geleefd.
2
Getuigenis ivm bijzondere jeugdzorg – Marc
Je mag zijn wie je bent, met je fouten en gebreken
om te worden wie je in wezen bent, maar zoals je je nu nog niet kan tonen.
Je mag het worden op jouw tijd en op jouw wijze.
Deze begeleidingsvisie komt van de Nederlandse psychiater Anna Terruwe, waarmee ze haar bevestigingsleer kernachtig samenvat. In het dagcentrum de Twijg in Gent – waar ik verantwoordelijke was – hing deze visie ingekaderd. Af en toe vroeg een jongere om het na de begeleiding mee te krijgen. Ik had eraan toegevoegd: “En als jij wil, wil het dagcentrum je daarbij helpen”. Deze manier van kijken naar kinderen en jongeren in de Bijzondere Jeugdzorg is steeds de rode draad geweest in het pedagogisch concept van het dagcentrum.
Het tegenovergestelde van bevestiging van mensen is niet hun ontkenning, maar zelfbevestiging: het streven naar macht, rijkdom en imago, waar mensen uiteindelijk ongelukkig van worden. Terruwe (1911-2004) ging gaandeweg zien dat ook een samenleving als geheel scheef kan groeien. Ze bekritiseerde onze westerse cultuur als een ‘cultuur van de zelfbevestiging’ en pleitte voor een mondiaal mensbeeld, waarin zowel materiële als psychische als spirituele waarden worden erkend en ontplooid. Als we vandaag naar de wereld en een groot deel van haar leiders kijken … dan blijkt Anna Terruwe ons tijdsklimaat van de zelfbevestiging voorvoeld en voorspeld te hebben.
In 1986 vierden de Broeders van Liefde het 150-jarige afsterven van hun stichter Peter-Jozef Triest, die na de Napoleontische bezetting in het vrijzinnig-seculier bestuurde Gent als priester gevraagd werd de Commissie voor de Openbare Onderstand te leiden – wat vandaag het OCMW heet.
In het jaar – 1985 – studeerde ik af als godsdienstwetenschapper en tijdens mijn studies had ik in Leuven gehoord van de experimenten in de Jeugdbescherming om nieuwe hulpverleningsvormen op te richten. Het ‘beschermen van de jeugd’ werd in Vlaanderen dan ook in 1985 omgevormd tot ‘Jeugdbijstand’. Nu konden kinderen en jongeren in een problematische opvoedingssituatie naast uithuisplaatsing ook thuis blijven mits begeleiding van de ouders en dagelijkse naschoolse opvang en individuele begeleiding van de jongere. Zo zijn er in Vlaanderen een 50-tal dagcentra ontstaan.
In 1986 dus, ter gelegenheid van het jubelfeest voor onze stichter, wilde ik méér dan ‘feestelijkheden’ alleen. Zonder veel tegenkanting kreeg ik groen licht van de Broeders om zelf een Dagcentrum Bijzondere Jeugdzorg uit de grond te stampen, met de naam De Twijg, verwijzend naar Jesaja: ‘een twijg zal ontspruiten aan de stronk van Isaï’.
Dat dagcentrum, en vooral het omgaan met de kinderen en de gezinnen, hebben mijn blik op de mensen-in-nood binnenstebuiten gekeerd, zo ook op de onderstroom in de samenleving, maar misschien vooral ook op wat gelovig zijn kan betekenen.
De bevestigingsleer was mijn uitgangspunt en werd vlug opgepikt door mijn medewerkers. Tegelijk werd toen het contextueel interveniëren (van de Hongaars-Amerikaanse psychiater Nagy) dè grote visievernieuwing in het begeleiden van gezinnen. De medewerkers maakten zich die visie eigen, volgden opleiding om met duplo-poppen en gekleurde schijven op de tafel bij de gezinnen thuis de contextuele relatiebegrippen te tonen. Laat mij er toch maar enkele noemen – ze klinken misschien bevreemdend:
• destructief recht = vanuit opgelopen pijn reageren
o ombuigen naar constructief recht = het onrecht minder doorgeven en vervangen door mededogen,
• onzichtbare loyauteit
• parentificatie van kinderen,
• ontschuldigen = wat betekent dat in een relatie iedereen niet zozeer een schuld heeft, maar wel altijd een aandeel – ook de hulpverlener zelf,
• erkenning geven
Bij dit laatste komt de bevestigingsleer van Terruwe weer om de hoek kijken.
Na de eerste jaren kregen we als hulpverleners meer en meer de overtuiging dat we de problematische opvoedingssituatie niet konden ‘oplossen’, we konden wel enkele stapjes vooruit zetten.
Als we het ‘destructieve recht’ iets minder zwaar bij de jongere generatie konden laten doorwegen, noemden we onze hulpverlening succesvol.
Een frappant persoonlijk voorbeeld hierbij:
Een bepaalde gezinsbegeleiding liep moeilijk. Vader wou geen begeleiding en zat zelden stil aan tafel, hij wilde er wel én niet bij zijn, ging naar buiten, kwam weer binnen. In een van de gesprekken wond hij zich sterk op. Hij liep naar de deur en sloeg keihard met de vuist zodat een paneel uit de deur kraakte. Het werd even heel stil. Wat moest ik doen of zeggen? Ik kwam op het onbegrijpelijke idee om ja-knikkend ‘Proficiat’ te zeggen – niet sarcastisch, niet verwijtend. Het bleef stil, vader kwam naar mij toe en zei: ‘Gij begrijpt mij, hé’. Zijn destructief gedrag werd door mij positief benoemd. Hij zei: “Mijn vader sloeg op mij, ik sla maar op de deur, niet op mijn jongens”. Inderdaad, dat was een proficiat waard. Maar de deur was wel stuk.
Een uitgangspunt in de visie van het dagcentrum was dat de gezinsleden zelf de experten zijn in het omgaan met hun relatie- en opvoedingsmoeilijkheden. Elk klein stapje vooruit mag de begeleider en vooral de ouders tot tevredenheid strekken. Niet telkens weer blijven zoeken naar nieuwe doelen voor de gezinsbegeleiding, waardoor de wachtlijsten geen doorschuiving krijgen en dicht slibben. Het bezwaar: “Ja maar het loopt daar nog moeilijk” of “Over twee jaar worden ze weer aangemeld” probeerden we als team vaak te counteren, ook al loerden er nog 5 andere problemen om de hoek. Zeg zelf, zou jij willen dat, als jij hulp zoekt, je eigenlijk niet meer van je hulpverlener afgeraakt? Neen toch, wetend dat als er een nieuw probleem zich acuut aandient, je iemand kent bij wie je terug kan aankloppen.
Tot slot: Ik ben nu met pensioen, maar ik weet: het jarenlange engagement in het dagcentrum heeft niet alleen gezinnen geholpen, maar ook mijzelf laten worden wie ik in wezen ben: een medemens. En daar blijf ik dankbaar voor.
3
De wereld is wel mooi (Anne van Veen)
We luisteren naar het lied dat Anne van Veen op volwassen leeftijd schreef in antwoord op het bekende lied `Anne’ dat Herman van Veen schreef voor haar geboorte, met onder meer: `Anne, de wereld is niet mooi. Maar jij kan haar een beetje mooier kleuren. Anne, je hebt nog heel wat voor de boeg maak je geen zorgen, daarvoor is het nog te vroeg, veel te vroeg…’
Luisterlied: Anne, de Wereld is Wel Mooi
https://www.youtube.com/watch?v=4Z6WHMDbaZM
4 Tafeldienst
We gaan aan tafel en bidden hier voor alle slachtoffers van oorlog en geweld. Dichtbij en veraf. Dat zij mensen op hun weg mogen vinden die helpen de trauma’s te verzorgen, dat ze aandacht, nabijheid en geborgenheid mogen ervaren.
We nemen hen mee in dit ritueel dat we hier zondag na zondag blijven herhalen, als tegenverhaal. We zijn hier samen om dankbaar het leven van een mens, een rechtvaardige, te gedenken die onverdiend leed is aangedaan, een mens die met zijn hele leven getoond heeft dat God een god is die solidair is met de lijdende en kwetsbare mens.
Laten we daarom aan tafel gaan: brood breken en delen, wijn te drinken geven. Dit simpele teken is een kleine daad van verzet in een wereld waar geweld nog steeds de boventoon voert, een wereld van steeds meer en nooit genoeg.
Hier aan tafel herinneren we ons de mensen die dit jaren met ons samen gedaan hebben, onze lieve doden. Hier aan tafel zijn we solidair met allen die zich in Jezus’ spoor engageren waar ook ter wereld.
Jezus van Nazareth, de zoon van uw liefde,
zat op de vooravond van zijn sterven
met zijn vrienden aan tafel.
Hij nam brood, brak het en deelde het uit
met de woorden:
Neemt en eet, dit is voor u
mijn lichaam, mijn hele leven.
Ook de beker heeft hij aangereikt
Het teken van een nieuwe relatie
met alle mensen
die mekaar behoeden en doen leven.
Drink hiervan tot mijn gedachtenis.
zei hij.
Onze Vader
Vredeswens
Voor vrede – vandaag – op kleine schaal
is het goed om elkaar te bevestigen in wie we zijn,
om te mogen zijn zoals we zijn,
ook al hebben we fouten en gebreken.
We zijn immers elkaars hulpbron om te worden wie we in wezen zijn.
Geven we onszelf en elkaar een handdruk om te zeggen:
ik zie jou, het gaat je goed.
Communie
Slot: Nieuwjaarsbrief
Liefste Miejef en Karel,
Lieve dominicanten of beter nog dominicussers, aangezien deze benaming naar het kussen verwijst,
Het was een jaarlijkse gewoonte dat jij, Miejef, na de eerste zondagsviering van het nieuwe jaar, ons een prachtige nieuwjaarsbrief voorlas, vol met wensen en lieve bedankingen.
Bovendien nog eens geschreven in jouw prachtige handschrift. We keken er telkens met spanning en enige schroom naar uit.
Miejef en Karel volgen sinds kort de vieringen via de streaming en kunnen hier maar heel uitzonderlijk nog eens zijn.
Omdat we de warmte van hun bemoedigende woorden missen, beslisten we met de Werf – zoals de voorgangersgroep heet – om de traditie verder te zetten en zelf een nieuwjaarsbrief te schrijven. Weliswaar zonder dat mooie handschrift.
Vooreerst grote dank aan Miejef om zovele jaren getrouwe deelname aan onze vieringen, om uit volle borst mee te zingen, om jouw positieve en openhartige inbreng en jouw voorgaan in het bidden voor andere mensen en moeilijke situaties.
Dikke dankjewel ook voor jouw erkenning van de bijdrage van de grote ploeg vrijwilligers die deze vieringen mogelijk maken. Het doet zo’n deugd, die uitgesproken waardering voor het geziene en ongeziene werk dat bij de viering komt kijken. Jouw waardering deed deugd, al deed je ons -voorgangers- vaak blozen.
Grote bewondering en hartelijke dank voor de begeestering en humor waarmee je jouw brieven wist te kruiden.
Vandaag bedanken we ook alle dominicussers, ouwe getrouwen, terugkomers én nieuwkomers voor jullie betrokken meevieren. Dit verbindend samenkomen rond het mysterie van liefde, het beluisteren van perspectief in oude en nieuwe verhalen, ons bidden, zingen, breken en delen aan tafel met Jezus van Nazareth, … Wat een overvloed om voor te danken: AL DAT GEDEELDE SAMEN EN SAMEN GEDEELDE.
Ook wij, voorgangers, kunnen ons dienstwerk alleen maar doen omdat er een gemeenschap is die het geheel draagt en voortduwt, die nieuwe vragen stelt, andere wegen wijst…
Vorige dinsdag hoorden we dat alle voorgangers ‘goesting’ hebben om verder te doen, ieder op haar/zijn ritme én met alle begrip voor zorg-prioriteiten die de liefde zelf stelt, want liefde gaat altijd voor.
Die goesting heeft alles te maken met de geest van ons wekelijks treffen. Die stimuleert om enthousiast verder te doen.
We bidden om blijvende openheid voor wat in onze wereld en onze levens gebeurt.
Voorbij de waan van de dag blijven we zorgzaam en duurzaam de sporen van een bevrijdende God ontdekken en benoemen, op de plek waar we leven en in dat grote gemeenschappelijk huis dat de wereld voor ons is.
Bidden we om volgehouden aandacht en nabijheid bij de meest kwetsbare mensen en de gekwetste aarde. Bidden we om standvastigheid in onze engagementen om aan de noden van ons samenleven tegemoet te komen zoals we ook in het getuigenis vandaag mochten beluisteren.
Tegen zoveel duister en reële bedreigingen in hopen we dat we nog heel lang het licht mogen doorgeven aan elkaar. Mogen we ons geborgen weten en verbonden met mensen die zich niet neerleggen bij de bestaande feiten maar opstaan en zo leerling van Jezus worden.
Moge 2025 voor ons allen een solidair en gezegend jaar worden.
Dat wensen u, uw soms eens stoute doopkinderen,
26 januari 2025

