VIERING : DE PROFETISCHE THEOLOGIE VAN ALBERT NOLAN o.p.

Dominicus Gent

Viering van zondag 23 juni 2024

De profetische theologie van dominicaan Albert Nolan

 

Vrede voor jou, hierheen gekomen,
zoekend met ons om mens te zijn.
Jij maar alleen, jij met je vrienden,
jij met je last, verborgen pijn:
vrede, genade, God om je heen,
vergeving, nieuwe moed, voor jou en iedereen

Niemand komt hier, vrij van het kwade.
Niemand gaat hier straks weer vrijuit.
Niemand te veel, niemand te weinig,
niemand te groot, geen een te klein.
Dit wordt verbeeld in woord en gebaar,
tot ooit en overal wij leven van elkaar

Jij die ons kent, jij die ons aanvoelt,
jij die de hele wereld draagt,
kom naar ons toe, leer ons te leven,
help ons te zien wat ieder vraagt:
tijd om te leven, kans om te zijn,
een plek om nu en ooit gezien, aanvaard te zijn.
(Jan van Opbergen)

 

Vandaag willen we ons laten inspireren door iemand uit de ruimere Dominicaanse gemeenschap. Onze keuze viel op de Zuid-Afrikaanse dominicaan Albert Nolan. Zijn naam doet bij de meesten onder u wellicht geen belletje rinkelen. Nochtans ligt veel van zijn denkwerk heel erg in de lijn en misschien wel aan de basis van hoe wij in deze gemeenschap naar geloof en maatschappij kijken. Ik schets heel kort zijn levensloop, zodat u Albert Nolan kan een beetje situeren.

Hij wordt geboren in 1934 in Kaapstad, Zuid-Afrika, met vierde generatie Iers bloed in de aderen. Als Dominicaan doctoreert hij in de theologie en gaat die discipline doceren aan de universiteit van Stellenbosch. Geconfronteerd met de heersende politieke situatie in Zuid-Afrika en hoe de kerken daarmee omgaan, wordt hij actief in de ondergrondse anti-Apartheidsbeweging. Hij publiceert verschillende spraakmakende theologische werken. “Spraakmakend” en “Theologisch”, dan moet het wel gene gewone zijn. In 1983 wordt hem gevraagd of hij generaal-overste van de Dominicanen wil worden en dus naar Rome wil verhuizen, maar slaat dit af omdat hij voelt dat zijn taak in Zuid-Afrika ligt. Met een aantal medestanders publiceert hij twee jaar later het Kairosdocument tegen de heersende kerkelijke visie over Apartheid, en moet als gevolg daarvan een paar jaar onderduiken, achternagezeten door de veiligheidsdiensten. Later wordt hij gelauwerd voor zijn verdiensten door de Zuid-Afrikaanse overheid en krijgt hij de Dominicaanse eretitel van “Magister in de heilige theologie”. Hij sterft, 88 jaar oud, in 2022 in Johannesburg.

Contextuele theologie

Albert Nolan was één van de voortrekkers van de contextuele theologie. Die stelt dat theologie antwoorden zoekt op vragen binnen een bepaalde context en dat het dus belangrijk is die te kennen en te begrijpen.

Albert Nolan wordt geboren in een land dat sinds de 17e eeuw gekoloniseerd is door Portugezen, Nederlanders en Britten. Het meest bekend zijn wellicht de Boerenoorlogen die tegen de Britten werden uitgevochten. In 1913 wordt de “Land Act” uitgevaardigd die het grondgebied grotendeels aan de blanken toewijst. 70 % van de bevolking wordt met geweld gedwongen te leven op 7% van de beschikbare grond. In 1948 worden regels voor rassenscheiding officieel ingevoerd. Het is een systeem dat gekenmerkt is door discriminatie, onderdrukking en gewelddadig optreden ten aanzien van de als minderwaardig beschouwde zwarte of gekleurde bevolking. Demonstraties worden meedogenloos met geweld gesmoord. Zo gebeurt het in Sharpeville op 21 maart 1960 waar ongewapende demonstranten onder vuur worden genomen met 69 doden tot gevolg. Ook de opmars in Soweto van 20 000 studenten waar 176 mensen worden gedood is in de herinnering blijven hangen.
Zuid-Afrika is niet de enige plaats waar mensen gediscrimineerd worden op grond van hun huidskleur. Rosa Parks, Amerikaanse burgerrechtenactiviste, is reeds in 1955 gearresteerd omdat ze geweigerd had haar plaats in de bus af te staan aan blanke reizigers, zoals het door de apartheidswet was uitgevaardigd. Haar voorbeeld brengt een beweging op gang die verder opgenomen wordt door Martin Luther King die in 1963 zijn beroemde toespraak houdt “I have a dream”. Het is de droom van het einde aan alle discriminatie. All men are created equal. In Zuid-Afrika is het Nelson Mandela die een icoon wordt van de vrijheidsstrijd. Hij wordt 27 jaar op Robbeneiland opgesloten en veroordeeld tot dwangarbeid. Het zijn profetische stemmen die roepen om gerechtigheid.

De roep om gerechtigheid wordt ook gehoord in allerlei basisgroepen waar de Bijbelse verhalen gelezen worden. Vooral het verhaal van de uittocht uit het slavenhuis van Egypte spreekt aan. Het gaat niet om een sprookje en ook niet om wat ooit in een ver verleden is gebeurd. “Dit is ons verhaal” klinkt het. Wij zijn de mensen die als slaven worden behandeld, die hopen op een nieuwe toekomst. Deze interpretatie van de Bijbelse verhalen staat haaks op de duiding die de blanke christelijke kerken in Zuid-Afrika er aan geven. Deze laatsten grijpen graag terug naar het verhaal van de toren van Babel waar God zelf ervoor zorgt dat mensen verspreid geraken over heel de wereld. Er is geen gemeenschappelijke taal meer is.
Zo heeft God het gewild. Het verschil van volken en rassen en talen is Gods wil. Zo ook de apartheid. Apart naar het voorbeeld van de Israëlieten die zich afzijdig dienden te houden van de andere volkeren toen ze uit ballingschap waren teruggekeerd. Zo dienen de zwarten de plaats te ruimen voor de blanke bevolking in Zuid-Afrika. De slotsom van deze interpretatie luidt: “Apartheid is een religieus te rechtvaardigen ideologie”.

Het is een situatie die roept om gerechtigheid. Deze klinkt wereldwijd en dus kunnen ook Dominicanen niet afzijdig blijven. Zij mogen dan mensen zijn die zich toeleggen op studie, de studie is nooit een doel op zich. De studie heeft te maken met het verwerven van inzicht in wat zich voordoet. Het gaat er om een kritische kijk te ontwikkelen die meteen een oproep is tot handelen. Studie krijgt een heel eigen gezicht.
Ik noem enkele Dominicanen die hun studie en hun engagement in deze zin hebben vormgegeven. Aldus Gustavo Guttierez die in 1971 zijn boek publiceert “Naar een theologie van de bevrijding”. Het is een boek dat wereldwijd aandacht. Het helpt niet alleen mensen te zien wat er aan het gebeuren is, het helpt ook begrijpen welke de mechanismen zijn die deze toestand veroorzaken. Het is in deze beweging dat Albert Nolan zich geëngageerd heeft, betrokken in de strijd tegen apartheid.
Er zijn nog meer namen van Dominicaanse figuren die hun studie in die geest verder hebben ingezet. Zoals Frei Betto, een Braziliaanse dominicaan, die zich niet alleen metterdaad geëngageerd heeft, maar die ook de dialoog tussen marxisme en christelijk geloof is aangegaan. In die context ontmoet hij Castro verschillende keren.
Zo heeft ook E. Schillebeeckx zijn bijdrage geleverd. Van hem is de term “contrastervaring” afkomstig. Volgens hem moet theologie geworteld zijn in de concrete realiteit. Het gaat niet om theorie. Het gaat er om vanuit de ervaring te zoeken hoe het volmenselijke kan worden gerealiseerd. Theologie wordt zonder meer bevrijdingstheologie.

Blijft natuurlijk de vraag: hoe reageer je op zoveel onrecht? Ook in de basisbewegingen leven allerlei vragen welke reactie geoorloofd is als christelijke gelovige. Zoals de vraag: kunnen dictators niet beter geëlimineerd worden. Kunnen daardoor niet veel mensenlevens gered worden. Het is de keuze geweest van de protestantse predikant D. Bonhoeffer tijdens de tweede wereldoorlog die betrokken was bij het complot om Hitler uit de weg te ruimen. Ook religieuzen die naar Latijns-Amerika of Zuid-Afrika getrokken zijn en die daar het leven hebben gedeeld van onderdrukte mensen hebben zich dergelijke vragen gesteld.

Inzet voor vrede en gerechtigheid is een Bijbelse opdracht. Hoé dit gestalte krijgt is zaak van menselijke verantwoordelijkheid.

Hoe ver te gaan? En of er wegen zijn?
Nooit meer gebaande.
Hoeveel paar voeten zijn zij? Twee, drieduizend.

Nog bijna slaven, vreemden voor elkaar.
Kreupelen, blinden.
Maar met iets in hun hoofd dat stroomt en licht geeft.

De zon zal hen niet steken overdag.
Bij nacht de maan niet.
Zij stoten zich aan stenen. Niemand draagt hen.

Omdat zij willen leven als nog nooit –
Angstig te moede
Zijn zij gegaan met grote hinkstapsprongen.

Niet hier hun vaderland, en schaamteloos
Wagen zij alles.
Soms wordt woestijn oase waar zij komen.

Vrijheid ontkiemt in hen, gloeit aan, dooft uit,
Zal weer ontvlammen.
Zij blijven kinderen, zij worden groter.

Hun stoet is zonder einde en getal.
Tel maar de sterren,
Zij weten van de Stad met Fundamenten.
(Huub Oosterhuis)

 

Lucas 6, 27-36

Tegen jullie die naar Mij luisteren zeg Ik: heb je vijanden lief, wees goed voor wie jullie haten, zegen wie jullie vervloeken, bid voor wie jullie slecht behandelen. Als iemand je op de wang slaat, bied hem dan ook de andere wang aan, en weiger iemand die je je bovenkleed afneemt ook je onderkleed niet. Geef aan ieder die iets van je vraagt, en eis je bezit niet terug als iemand het je afneemt. Behandel anderen zoals je wilt dat ze jullie behandelen. Is het een verdienste als je liefhebt wie jullie liefhebben? Want ook de zondaars hebben degenen lief die hen liefhebben. En is het een verdienste als je weldaden bewijst aan wie weldaden bewijzen aan jullie? Ook de zondaars handelen zo. En is het een verdienste als je geld leent aan degenen van wie jullie iets terug verwachten? Ook zondaars lenen geld aan zondaars in de verwachting alles terug te krijgen. Nee, heb je vijanden lief, doe goed en leen geld aan anderen zonder iets terug te verwachten; dan zullen jullie rijkelijk worden beloond, en zullen jullie kinderen van de Allerhoogste zijn, want ook Hij is goed voor wie ondankbaar en kwaadwillig is.

Profetische theologie

“Profeten zijn mensen die kunnen vertellen wat de toekomst zal brengen, niet als voorspellers, maar als mensen die geleerd hebben om de tekenen van hun tijd te lezen. Het is omdat ze zo gericht zijn op en heel erg bewust van de politieke, sociale, economische en religieuze stromingen in de tijd waarin ze leven, dat profeten kunnen zien waar alles naartoe gaat.”

Deze uitspraak van Albert Nolan typeert hem. Volgens Nolan is namelijk iedereen geroepen om zo’n profeet te zijn. Dat is geen makkelijke taak, het is er een met moeilijkheden en struikelstenen. Maar we mogen die niet uit de weg gaan, ze maken deel uit van het geheel. We kunnen dus geen toevlucht nemen tot snelle huis-, tuin- en keukenanalyses, maar moeten het werk grondig doen, naar de diepte gaan en onszelf daarbij in vraag durven stellen. Zo’n oefening kan leiden tot een oordeel, tot het onderscheiden van goed en kwaad en uiteindelijk ook tot actie om iets te proberen veranderen. Zie, oordeel, doe. Een slagzin die Nolan kenmerkt.

Het bracht hem ertoe om vanuit dat kader, samen met een groep voornamelijk zwarte theologen, een aantal kernpunten te formuleren over hoe Kerk zou moeten zijn. Heel anders dan hoe ze zich gedroeg in het Zuid-Afrika van die tijd. Dat denkwerk kreeg vorm als het Kairos-document, in de eerste plaats gericht aan de kerken van Zuid-Afrika, die heel erg verdeeld waren. De tekst klinkt na 40 jaar nog best actueel.

Het Kairos-document telt 5 hoofdstukken. In de eerste drie wordt een analyse gemaakt van de verdeeldheid onder de Zuid-Afrikaanse christenen. Sommigen kiezen de kant van het Apartheids-regime, een groter deel die van de verdrukte meerderheid. Er is geen eenheid. Daarnaast is er ook een “God met ons” staats-theologie die Bijbelteksten misbruikt om de heersende orde te rechtvaardigen. Ignace had het er al over. Ook vele kerken hebben een dubbelzinnige opstelling tegenover de het regime. Zo houden ze voor, onder andere met de Bijbeltekst van daarnet, die over de andere wang, dat christenen altijd geweldloos moeten blijven. Maar ze benoemen het staatsgeweld en het maatschappelijk onrecht onder de vorm van racisme en economische ongelijkheid niet. Albert Nolan zegt over die evangelietekst trouwens: dit gaat over vergelding, dat we kwaad niet met kwaad mogen vergelden, het zegt niets over het recht op zelfverdediging of het verdedigen van anderen tegen geweld. Kortom, de kerken zijn hun profetische vaardigheid kwijt.

Daarom is er nood aan een profetische theologie. We moeten terug naar de Bijbel en op zoek naar boodschappen die betekenisvol zijn voor wat we vandaag beleven. Het kan niet anders dat daaruit actie zal volgen, ommekeer en misschien ook vervolging. De Bijbel staat immers vol verhalen over bevrijding uit verdrukking en lijden, niet alleen in het oude testament. Ook Jezus verbond zichzelf met de armen en de verdrukten, hij was totaal solidair met hen. Hij werd mede-slachtoffer. De Bijbel kan in die zin dus alleen maar gelezen worden als een boodschap van bevrijding en hoop. Om het met Psalm 9 te zeggen: “God vergeet de armen niet, voor de zwakken is niet alle hoop verloren.”

De opstellers besluiten met een oproep tot actie en ommekeer. Kies de juiste kant. Dat is de enige weg om eenheid te herstellen. Die kan alleen gevonden worden waar we met Jezus ons aan de kant van de armen en verdrukten scharen. Dat betekent dat christenen geroepen worden om actief deel te nemen aan de strijd voor bevrijding en een rechtvaardige maatschappij, door middel van boycots en alle vormen van geweldloos verzet. Kerken moeten die beweging vooral aanmoedigen en steunen.

Maar ook de interne werking van de kerken moet onder de loep genomen worden. Als er in vieringen gesproken wordt over de machten van de duisternis, mogen die ook expliciet benoemd worden, als we de eenheid prediken, mag die ook concreet maatschappelijk gemaakt worden en de omfloerste en vage taal mag verduidelijkt worden met voorbeelden die uit het leven gegrepen zijn. Veel van wat gebeurt in de kerken heeft immers geen betekenis voor de armen en de verdrukten. Onze diensten en sacramenten moeten omgevormd worden tot ze echte religie, echte verbinding bewerkstelligen. Of nog: kerken moeten niet bidden voor politieke verandering, maar mensen ondersteunen en op de been brengen om die politieke verandering te doen slagen.

Albert Nolan zag Jezus als een radicale sociale hervormer die de sociale, politieke en religieuze context van zijn tijd uitdaagde. Wat Jezus leerde en deed, was gericht op gerechtigheid, op mededogen en solidariteit met de verdrukte mens, de mens aan de rand, geheel in lijn met de boodschap die doorheen de hele Bijbel klinkt. Nolan ziet dat als: “Gods wil doen”, waarbij hij die omschrijft als: “Wat God voor ons wil is het algemeen belang – wat goed is voor ons allemaal, wat goed is voor het hele universum.”
Blijft dat een verre droom? We leven in tijden waarin wanhoop de boventoon voert, het optimisme dat alles zomaar goed komt, heeft een knauw gekregen. Dit is onze context vandaag. Nolan noemt dat geen ramp, maar een kans om als christenen bakens van hoop te zijn in deze wereld. Want voor Christenen is er hoop, zelfs tegen alle wanhoop in. Dat is zo volgens Nolan omdat onze hoop niet gebaseerd is op uiterlijke tekenen, maar op het diepe vertrouwen in de Ene Alomvattende. De hoop dat Gods wil kan geschieden en dat die nu aan het geschieden is in honderdduizenden kleine daden. Dat kunnen we zien doorheen de geschiedenis, waar de tegenkrachten het keer op keer niet halen en barmhartigheid en liefde altijd sterker blijken.
We hopen tegen alle wanhoop in, want in die duisternis zien we hier en daar de contouren van nieuwe toekomst, van nieuw leven. Oorlogen die golven van solidariteit teweegbrengen, kerk- en andere leiders die na de onthulling van het zoveelste schandaal niet alles bij het oude kunnen laten.
Wat echter belangrijker is dan hoopvol te zijn, is om hoopvol te handelen. Het beste dat we als Christenen in deze tijd van wanhoop kunnen doen, is te blijven hoopvol verder werken. Op die manier zullen we een aanmoediging zijn voor ieder die de hoop heeft verloren.

We mogen die droom niet laten vallen. Zingen we daarvan met een Psalm

Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.
Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.

Wij zullen zingen, lachen, gelukkig zijn.
Dan zegt de wereld: “Hun God doet wonderen.”
Ja, Gij doet wonderen, God in ons midden,
Gij onze vreugde.

Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.
Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.

Breng ons dan thuis, keer ons tot leven,
zoals rivieren in de woestijn
die als de regen valt,
opnieuw gaan stromen.

Wie zaait in droefheid, zal oogsten in vreugde.
Een mens gaat zijn weg en zaait onder tranen.
Zingende keert hij t’rug
met zijn schoven.

Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.
Als God ons thuisbrengt uit onze ballingschap,
dat zal een droom zijn.
(Huub Oosterhuis)

 

Eén van de boeken die Albert Nolan gepubliceerd heeft, heeft als titel “Jesus before Christianity”. Het christendom heeft namelijk vele vormen aangenomen. Soms voorbeelden van heldhaftige overgave in dienst van gerechtigheid, soms voorbeelden van machtshonger en eigenbelang. Aan deze tafel keren we ons telkens weer tot Jezus zoals we hem kennen door zijn leerlingen en zoals zovelen zijn leven als voorbeeld hebben genomen. We houden hen in gedachten levend wanneer we ons aansluiten bij die veelkleurige geschiedenis.
We gedenken alle mensen, in het bijzonder onze afgestorven geliefden, wiens leven we als blijvende herinnering willen eren.

Gij die de stomgeslagen mond verstaat
van alle stervelingen die wij zijn,
wij roepen U de naam toe van een mens,
Jezus, de zoon der mensen Uw geliefde.

Nooit sprak een mens als hij,
in hem verstonden wij uw bestaan
de zin van ons bestaan.
Hij is Uw woord geweest,
hij heeft volbracht alle gerechtigheid,
een mens voor allen.

Om zijnentwil zie ons, dit uur bijeen.
Zie alle stervelingen van de wereld,
waar onze doden zijn, verkoold, verwaaid,
vragen wij U hebt Gij hen nog gezien?

Waarom genadeloos vernietigd worden,
de armsten van de wereld, uw geliefden;
waarom wij die met weinigen bezitten
wat allen toebehoort, uw woord niet doen,

geen wereld maken die in vrede is,
een nieuwe orde van gerechtigheid.
Gij die ons hebt gezegd wat leven is:
te doen wat goed is, recht, elkaar bevrijden.

Jezus Messias,
die onze weg is naar het leven,
nam de laatste avond
dat hij met zijn vrienden samen was,
wat brood,
liet het in zijn handen rusten
en koesterde het met een eerbiedig zwijgen.
Hij dankte God er voor
en brak het toen om het te verdelen:
Neem allen een stuk, zei hij, en eet het maar.
In dit gebaar kom ik naar jullie.
Want voedsel moet gemeenschap stichten
van lichaam en ziel,
van lichaam en bloed.
Neem en eet het, dit is mijn lichaam.

Toen vulde hij een beker met wijn
en liet hem rondgaan.
Want hun dorst naar diepe verbondenheid was groot.
Drink ook hieruit, zei hij,
en voel dat leven sterven is
en een nieuwe geboorte pijn doet.
Deze wijn moet liefde worden;
verwantschap in hetzelfde bloed:
dit is mijn bloed.

Dan is het stil geworden
als bij een afscheid dat er geen is.
De tekens hadden nieuwe hoop gewekt.
We leven niet naar een verre toekomst.
We leven naar de meest nabije mensen.

Gij die dit woord ons ingegeven hebt,
een bron van kracht en moed en zeker weten,
Gij die het licht in ons geschapen hebt:
dat niet de duisternis ons overmeestert.

Dat niet het laatste woord is aan de dood,
Gij die tot hier ons vasthoudt in het leven,
Gij die ons afgestemd hebt op uw stem,
Gij die ons hebt geschapen naar U toe,

Gij die ons zocht, nog voor wij om U riepen,
Gij die gezegd hebt dat Gij ons zult vinden,
wij roepen U de naam toe van uw mens,
Israël, deze aarde uw geliefde.
(Huub Oosterhuis)

 

Handelen met hoop is gerechtigheid voor allen nastreven, dat wat goed is voor iedereen en het hele universum. Daaruit zal vrede groeien, onherroepelijk. Wensen we elkaar hoop toe en vrede in onze harten.

“Een wonder is in de Bijbel een ongewone gebeurtenis die wordt opgevat als een ongewone daad van God, een machtige daad.
Bepaalde daden van God worden zo wonderen genoemd vanwege hun vermogen om ons te verbazen en te verrassen, hun vermogen om ons te laten verwonderen.
Zo is de schepping een wonder, genade is een wonder, de groei van een enorme mosterdboom uit een klein zaadje is een wonder, de bevrijding van de Israëlieten uit Egypte was een wonder, het koninkrijk van God zal een wonder zijn.
De wereld is vol wonderen voor wie ogen heeft om ze te zien. Als we niet langer in staat zijn om ons te verwonderen, behalve wanneer de zogenaamde natuurwetten gebroken worden, dan is het heel erg met ons gesteld.”
(Albert Nolan)

 

Wij moeten gaan; aan ’t lied van bevrijding
voegden we weer een eigen refrein,
zagen rondom de glans van herkenning
hoe we elkaar tot Verbondgenoot zijn.
Vonden het Woord, eerder gehoord,
als nieuwe bron op eigen terrein.

Laten we gaan. Geloof in de zegen
die onze God steeds toegezegd heeft,
in niemandsland soms worst’lend verkregen
maar die ons hoop, moed en waakzaamheid geeft.
Neem van hier mee, het vaste idee
Licht blijft de kern, vaak tastend beleefd.

Neem bij het gaan de mantel van vrede
die we behoedzaam om mogen slaan
waarin de naam vol kleur is geweven
Vage beschutting in mensenbestaan.
In de woestijn, vruchten en wijn:
Vrede en zegen! Laten we gaan.
(Gonny Luijpers)

 

(foto Nolan: dominicanenorde. Zie: https://www.op.org/albert-nolan-priest-activist-author-and-renowned-theologian/)