Brood en vissen voor velen…

Dominicus Gent

Viering van 3 augustus 2014

Brood en vissen voor velen…

Hartelijk welgekomen op wat alweer de eerste zondag van augustus is. Hopelijk heeft de vakantie deugd gedaan voor zij die er een tijdje tussenuit konden, en genieten ook de anderen van de zomerse sfeer die er heerst, met of zonder festivals. Misschien mocht je het genot smaken van een zondags ontbijt, de tanden zettend in vers brood en wat langer blijven hangen bij de krant en/of de disgenoten om elkaar en die wereld toch weer wat beter te leren kennen. Ook wij blijven wat hangen rond het brood vandaag, daartoe aangemoedigd door Mattheus die in het hoofdstuk na de reeks parabelen over het rijk Gods een van de verhalen over de broodvermenigvuldiging opneemt. We doen dit samen onder het licht van de Paaskaars die Joris voor ons zal aansteken en zingen als openingslied van de viering:
Dit huis vol mensen, weet jij wie het zijn? Ken jij ons bij name? Dan ben je de enige…

Overweging bij de broodvermenigvuldiging

Bij name kennen… sommige leraar-stagiairs maken er een erezaak van om de avond vóór hun stageperiode de fotolijsten van de leerlingen in te studeren zodat ze leerlingen in elke klas uit de massa kunnen lichten en hen ‘bij name’ kunnen aanspreken. Zoiets heeft effect: leerlingen zijn eerst verbaasd en stoten elkaar aan, maar wanneer ze ontdekken dat het geen toevalstreffer is zijn ze ook oprecht geïnteresseerd in wat die stagiair komt brengen.

Wie de evangelies letterlijk leest leert Jezus kennen als iemand die voortdurend massa’s op de been brengt, zowel door wat hij doet (genezingen bv.) als door wat hij zegt. Vooral Matteus spreekt over de massa mensen in Jezus’ omgeving: bij aanvang van één van zijn redevoeringen is er zelfs zoveel volk dat hij de berg op moet wil hij door de massa gehoord en gezien worden.

Politici krijgen vaak het verwijt de gewone man/vrouw uit het oog te verliezen (het grote gezin dat het voortaan met veel minder kindergeld moet doen bv., om nog maar te zwijgen van militaire operaties die burgerbevolking niet ontzien, …)…. maar voor Jezus is die aandacht voor de concrete mens vanzelfsprekend: voortdurend lezen we hoe hij –in en ondanks die massa- bewogen wordt door de individuele mens en zijn noden. Zo ook in het evangelieverhaal van deze zondag.

Jezus kreeg net bericht dat zijn neef Johannes dood is, een verjaardagsgril van de stiefdochter van Herodes die het hoofd van Johannes De Doper op een schaal wou…. Jezus wil alleen zijn. Maar als hij een afgelegen plek opzoekt en daar de massa ziet, voelt hij medelijden, hij geneest de zieken… Wanneer het avond wordt vragen de leerlingen aan Jezus om de mensen weg te sturen, maar ook dan ziet hij wat mensen nodig hebben: eten.
We beluisteren het eerste verhaal van de spijziging van de menigte in Matteus 14, 13-21 – het verhaal start nadat Jezus het doodsbericht ontvangt van zijn neef Johannes.

 
[13] Toen Jezus hiervan hoorde, week hij per boot uit naar een afgelegen plaats waar hij alleen kon zijn. Maar de mensen kwamen het te weten, en vanuit de steden volgden ze hem over land. [14] Toen hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde hij medelijden met hen en hij genas hun zieken.
[15] Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar hem toe en zeiden: ‘Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen.’ [16] Maar Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg, geven jullie hun maar te eten.’ [17] Ze antwoordden hem: ‘We hebben hier niets, alleen vijf broden en twee vissen.’ [18] Hij zei: ‘Breng ze mij.’ [19] En nadat hij de mensen opdracht had gegeven op het gras te gaan zitten, nam hij de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden; hij gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze door aan de mensen. [20] Iedereen at en werd verzadigd, en toen ze de stukken brood die over waren ophaalden, hadden ze twaalf manden vol. [21] Er hadden ongeveer vijfduizend man gegeten, vrouwen en kinderen niet meegeteld.

Een hoofdstuk verder in het evangelie van Matteus staat nog een tweede broodverhaal waarin terug die betrokkenheid op de concrete mens in de massa beschreven wordt (Mt 15, 32): ‘Ik heb te doen met deze mensen, want ze zijn al drie dagen bij Me en hebben niets te eten. Ik wil ze niet met een lege maag wegsturen; ze zouden onderweg wel eens kunnen bezwijken.’
In het evangelie staan wel zeven dergelijke broodverhalen. Wonderlijke verhalen – ondenkbaar voor vandaag. Waar vandaag massabijeenkomsten zijn is nl. goed aan eten en drinken gedacht; of het nu de Gentse feesten zijn of een concert… honger hoeft men er niet te lijden.

Op zoek gaan naar de betekenis van deze evangelietekst brengt je in vele richtingen. Alleen al in de titel die elke bijbelvertaler aan deze perikope geeft vind je opmerkelijke verschillen: In het begin van de 17de eeuw spreekt de Statenbijbel van ‘de eerste wonderbare spijziging’ en de katholieke Canisiusvertaling tot 1975 spreekt over ‘broodvermenigvuldiging’. Beide leggen accent op het wonder.
De recentste katholieke Willibrordvertaling van 1995 legt accent op Jezus: ‘Jezus geeft 5000 mensen te eten’, maar de NBV – de oecumenische Bijbelvertaling van begin deze eeuw- noemt deze perikoop ‘Overvloed aan brood, gebrek aan geloof’ en plaatst het verhaal in een ruimere context, een ruimere dynamiek.

Ook de tekstinterpretaties zijn veelzijdig:
· Sommigen lezen het verhaal van het broodwonder als ‘echt gebeurd’… en herleiden de rijkdom van dit verhaal tot een mirakeloplossing voor de honger van een massa mensen.
· Anderen voegen aan de lezing een wiskundige toets toe: door in te gaan op (al dan niet vergezochte) getallensymboliek of door te spelen met ‘vermenigvuldigen’ en ‘delen’: dat waar gedeeld wordt overvloed is omdat alles vermenigvuldigt… soms is dat miraculeus bedoeld en soms beschrijft men de ervaring dat op plekken waar gedeeld wordt écht nieuwe zaken gebeuren.
· Anderen lezen het verhaal eerder spiritueel: dat het niet om brood gaat maar om het woord van God… maar gaat men dan niet voorbij aan het concrete verhaal van een menigte op een afgelegen plek die al een hele tijd zo in de ban is van Jezus’ woorden en daden dat men nog niet aan eten toe kwam?
· Nog anderen lezen met een maatschappijkritische bril en focussen op de zin waarin de leerlingen de massa eten wil laten kopen voor zichzelf. Jezus wijst –volgens deze bijbeluitleggers- de oplossing van de leerlingen af als ‘kapitalistisch’ uitgaand van de economie van het geld, terwijl hijzelf een economie van het geven vooropstelt…
· Je kan het verhaal ook lezen als schema van de eucharistie: nadat de menigte geluisterd heeft naar de Bergrede en de parabelrede (cf. de woorddienst) is het tijd om dit in praktijk te brengen en het rijk der hemelen hier en nu te laten gebeuren in het samen eten en delen (cf. de tafeldienst)
· Daarbij aansluitend zijn er exegeten die in deze hoofdstukken van het Mt-evangelie zien dat de apostelen ondanks hun aanwezigheid bij de talrijke redevoeringen van Jezus toch niet begrijpen waarover het gaat wanneer er iets concreet alledaags moet gebeuren…waarmee ze fijntjes verwijzen naar hoofdstuk 16 waar Jezus in vers 11 zegt: “hoe is het mogelijk dat jullie niet begrijpen dat ik het niet over brood had…”

Je zou van zoveel uitleg (of inleg?) een punthoofd krijgen…

In deze gemeenschap laten we ons graag inspireren door liederen. In het lied dat we gaan zingen wordt dit verhaal op een bijzondere manier dichtbij ons gebracht: de menselijke nood aan eten -in letterlijke en figuurlijke betekenis- wordt gekoppeld aan het verlangen gemeenschap te mogen vormen waar men elkaar bij name kent, gemeenschap te mogen ervaren van geven en ontvangen, spreken en luisteren: Lied van schaarste en overvloed

Actualisering

Vorige vrijdag vergaderden we in Leuven voor de opstart van een pioniersproject rond genetische informatie en openbare gezondheid. De bijeenkomst was efficiënt gepland en zou hoogstens 2,5 uur duren omdat een van de deelnemers tijdig weg moest. Toen die laatste beperking in extremis echter wegviel werd prompt de agenda aangepast. Als start was nu een gezamenlijke lunch voorzien en de meeting zou minstens 4 uur duren. Ik werd niet echt vrolijk van het idee om al die extra tijd zonder dwingende reden te laten innemen in een drukke werkweek. En toch … dat uur ongedwongen broodjeslunch waarin mensen onder meer over hun vakantie spraken en langs die omweg ook over armoede, werd een boeiende uitwisseling waarin we de gesprekspartners en hun drijfveer beter leerden kennen. Het vertrouwen rond de tafel groeit en het helpt de discussies rond het opzetten van de studie en het werk en haar richting ongetwijfeld een stuk vooruit.

Ik weet niet of bij dat massagebeuren in Jezus’ tijd, de gedeelde maaltijd ondanks schaarse middelen na zijn optreden, een analoog proces op gang bracht. Maar ik durf het vermoeden. De manden overschot suggereren dat er meer gebabbeld dan gegeten werd, dat er in de kleinere groepen meer dan voedsel werd verteerd. Doorheen het samenzijn zal allicht iets van de parel zijn ontdekt waar de parabel van vorige week het over had. Zeker is, dat zowel een evenement als een opdracht een heel andere, meestal diepere betekenis kunnen krijgen als ze samen worden doorgepraat of opgenomen. Het vormt een extra reden om ons aperitief aan te houden: dat glas –met of zonder alcohol- nodigt uit tot nakaarten.

Massaspektakels geven gemakkelijk aanleiding tot even weg van de wereld zijn en tot het negeren van basisregels. Voor het festival van Dranouter vond men met de grasboetes die de low impact man met een knipoog uitdeelt een alternatieve weg om mensen met zorgzame voeten op de grond en bij de les te houden. Dat men daar met intrinsiek gezag en enige humor een individu dat in overtreding gaat op zijn burgerplicht kan wijzen en van penitentie voorzien, is best wel nieuwswaardig in deze tijden.

Een gedeelde maaltijd is extra mooi omdat ze in de regel toelaat om verder te gaan in de ontmoeting dan een kortstondige groet zonder meteen de deur grenzeloos open te zetten. Het recept wordt ook binnen deze gemeenschap met vrucht beproefd en geproefd. Het gebeurt bijvoorbeeld zichtbaar als een groep mensen de viering regelmatig afrondt door samen te gaan eten. Of als men via de broodronde in contact mag komen met een vluchtelingengezin.

Dat voedsel zich vermenigvuldigen laat zit in de natuur ingebakken, de patenten van Monsanto ten spijt. Dat we samen meer kunnen dan alleen: ook. We mogen er getuige van zijn hoe het wonder zich eens te meer herhaalt in het moeilijke binnenland van Burundi. Terwijl in Dutwe naast het kinderdorp een materniteit en hospitaal zijn opgericht om de sterfte aan aids en andere zware ziektes onder controle te krijgen, blijkt de kern van het probleem toch nog altijd in de armoede te liggen. Net om die reden komt de ziekteverzekering maar niet echt op gang en komt het hospitaal in de problemen. Maggy Barankitse zou Maggy niet zijn als ze haar pijlen ook niet zou beginnen richten op de grond van dat probleem. Een netwerk aan coöperatieven werd opgestart dat mensen motiveert en helpt om samen te werken voor de typische eigen voedselproductie. Deze structuur blijkt op korte tijd aardig van de grond te komen. Men organiseert zich, experten leren hoe men de gewassen optimaal aan het land kan aanpassen en gezamenlijk worden zaden en de nodige producten aangekocht. In dit doodarme gebied ziet men zo op een goed jaar tijd de rijstoogst ver-veelvoudigen. En de ziekteverzekering komt terug op tafel te liggen.

Ook dichter bij huis in de omgeving van de Marie Gorettikerk blijft men zoeken naar creatieve wegen om mensen bij een meer kwaliteitsvolle omgeving en bij elkaar kan brengen. Het plan van buurtbewoner Koen om groen te brengen in deze wijk en geveltuintjes te promoten slaat aan. Zo’n 26 – hoofdzakelijk – Turkse families doen al mee. In de Gagelstraat plant men een voorbeeldplantsoentje aan te leggen waarin de verschillende haalbare plantensoorten – laag, midden en hoogklimmende – te bekijken zijn, zodat mensen in combinatie met het gedeelde inzicht over de eigenschappen en noden van de planten tot een goeie keuze kunnen komen voor de eigen geveltuin.

En om helemaal in eigen huis te eindigen: Dominicus Gent heeft als vzw geen (of nauwelijks) geld en geen vrijgestelden en toch is hier ‘voedsel’ voor alle genodigden en is er overschot. Wat hier gebeurt komt tot stand dankzij meer dan 40 vrijwilligers en wordt gedeeld met en geïnspireerd door een hele gemeenschap. De teksten komen op de website, worden opgepikt, kritisch bestudeerd en hergebruikt: ze leiden een eigen leven en worden vermenigvuldigd.

Dat geldt natuurlijk niet alleen voor onze teksten… In het vooruitzicht van de vredeswens staks wil ik u een tekst vanuit de Congregatie voor de Goddelijke Eredienst in Rome niet onthouden die ons dankzij Kerknet bereikte deze week….
Eerder werd gemeld dat de vredeswens mogelijks zou worden verschoven of zelfs afgeschaft. De congregatie geeft er uiteindelijk “de voorkeur aan de ‘rite’ en het ‘teken’ van vrede op de plaats te houden die zij nu heeft.”. Er worden daarbij vier suggesties gedaan om de waardigheid van de vredeswens te bewaren. Ten eerste is het niet nodig ‘mechanisch’ uit te nodigen tot de uitwisseling van het vredesteken.” Ten tweede zouden “bekende en wereldlijke groetgebaren” daarin vervangen kunnen worden door “andere, meer toepasselijke gebaren”. Ten derde moet een aantal misbruiken van de ritus worden gestopt, zoals het gebruik van de vredeswens voor felicitaties of condoleances, bij bijvoorbeeld huwelijken of begrafenissen. Gelovigen (en voorgangers) worden aangespoord hun plaats niet te verlaten en de vredeswens tot hun onmiddellijke buren te beperken. Ten vierde moeten bisschoppenconferenties liturgische catecheses voorbereiden over het belang van de vredeswens en de correcte uitvoering ervan.

Zelf zou ik durven suggereren dat we ons bij het aperitief vooral op de voor ons belangrijkste punten concentreren 😉 en nu alvast het lied zingen: Wie als een God wil leven hier op aarde, hij moet de weg van alle zaad, … wordt levend brood, zo voedt de een de ander.

Inbreng van de gemeenschap

Inleiding tot het tafelgebed 

We mogen aan tafel gaan zoals zovelen voor ons en samen met ons, gelovend dat er brood genoeg is en Leven op overschot.
 
We gaan aan tafel in verbondenheid met onze geliefde doden voor wie de kaarsjes in de doopschaal aansteken.

We gaan aan tafel in verbondenheid met ieder die nood heeft aan Leven op overschot dicht bij ons en veraf: Ebola-slachtoffers, angstige mensen in Gaza en Israël, de ontelbare vluchtelingen op deze wereldbol
 
We gaan aan tafel… maar wie heeft brood genoeg voor zo’n hongerige menigte? Zingen we dit lied…
 
 
Op de avond voor zijn lijden en dood zit Jezus met zijn vrienden aan tafel,
een tafel waar niemand vreest brood te kort te komen.
Nu neemt Jezus het brood en zegent het:
Dit is mijn lichaam, gegeven voor u.
Ik breek en deel het -als brood- opdat ge leven in overvloed moogt hebben.

Na de maaltijd neemt hij de wijn en zegent die:
Dit is mijn bloed, vergoten opdat ge leven in overvloed moogt hebben.
Blijft breken en delen, blijft dit doen om mijn woord en Leven te her-inneren opdat allen leven in overvloed zouden hebben.

Onze Vader

Vredeswens

Dat we niet bang zijn om een stukje aan onszelf te sterven als we daarmee voedsel voor anderen kunnen worden, en ons even goed laten voeden door de anderen. De vrede zij met u. En ik nodig u “met gepaste waardigheid” uit om elkaar de vredeswens te geven… 😉

*

(foto G.Vanhercke: fresco Noord-Auvergne)